Categorie archief: Businessspiritualiteit

Het moet anders, zegt men. Maar hoe?

Je hoort en leest het steeds vaker: volgens sociologen, organisatiedeskundigen, politici, managementgoeroes en vele CEO’s bevinden we ons in een overgangsperiode. Oude oplossingen werken niet meer, nieuwe dienen zich aan, maar de contouren zijn nog vaag.

Deze stelling wordt bevestigd door organisaties en bedrijven die er in hun eigen situatie concreet mee geconfronteerd worden. Businessmodellen, strategieën en managementtechnieken hebben niet meer hetzelfde effect als voorheen. Met als gevolg dat we niet bereiken wat we willen bereiken.

Maar wat werkt dan wel?
Mijn antwoord is: een holistische benadering.
Het holisme gaat uit van het idee dat een systeem (bv. mens of organisatie) bestaat uit alle onderdelen/elementen én de interactie/samenhang tussen die onderdelen. Oftewel: het geheel is meer dan de som der delen.

Elementen van een bedrijf/organisatie
Wijlen Stephen Covey spreekt in zijn boek De Achtste Eigenschap over ‘de complete mens’. Deze zou bestaan uit 4 vier dimensies: fysiek, mentaal, emotioneel, spiritueel. Ook in andere literatuur kom je deze vier dimensies tegen. Volgens mij kun je deze dimensies ook vertalen naar bedrijven en organisaties.

Dimensie           Mens                  Organisatie
Fysiek                 Lichaam           Productie (Machines, computers, gebouwen)
Mentaal             Gedachten       Beleid (management, bestuur)
Emotioneel      Gevoelens       Mensen (gedrag/cultuur)
Spiritueel         Ziel, essentie  Identiteit, ziel, kern, essentie, droom (missie/visie?)

Daarnaast is het dus van groot belang om de interactie en samenhang tussen deze dimensies waar te nemen. Deze zijn –net als de spirituele dimensie- op het eerste gezicht niet waarneembaar. Dat komt omdat ze van een ander energieniveau zijn. Dit vraagt wellicht om een stukje uitleg.

Energieniveau
Alles is energie. Dat heeft de wetenschap ons geleerd. Uiteindelijk bestaat alles in deze wereld uit atomen die dicht of minder dicht bij elkaar zitten. Deze dichtheid bepaalt het energieniveau. Zo ontstaat energie in vaste vorm (huizen, auto’s, stoelen, mensen, etc.), in vloeibare vorm (water, bloed, olie, etc.), in gasvorm (zuurstof, koolmonoxide, helium) en in fijnstoffelijke vorm.

Oftewel:
Dimensie         Energieniveau      Organisatie
Fysiek              Vast                           Productie (Machines, computers, gebouwen)
Mentaal           Vloeibaar               Beleid (management, bestuur)
Emotioneel    Gasvorm                Mensen (gedrag/cultuur)
Spiritueel        Fijnstoffelijk       Identiteit, ziel, essentie, droom (missie/visie?)

Helder waarnemen
De fijnstoffelijke energie is niet op normale wijze waarneembaar met onze zintuigen, maar wel op buiten-normale wijze. We spreken dan van ‘helder waarnemen’ (helderzien, helderhoren, heldervoelen, helderruiken, helderproeven). Sommigen kunnen dit van nature, de meeste mensen moeten zich daar in ontwikkelen. Gelukkig zijn daar cursussen en opleidingen voor, zoals de beroepsopleiding voor Holistisch-Energetisch Coach.

Organisatiescan van de complete organisatie
Een holistisch benadering betekent dus naast de ‘gewone’ energievormen ook de bijzondere energievormen in je overwegingen en besluitvorming mee te nemen. En omdat ‘gewoon’ tegenwoordig niet meer werkt, zit de oplossing wellicht in het bijzondere. Om zo’n compleet, holistisch plaatje van je bedrijf of organisatie te krijgen, kun je een holistisch adviseur of coach inschakelen. Hij/zij heeft vaak aan één of twee bezoeken genoeg om een analyse/diagnose te maken. Wees innovatief, stap buiten de gebaande paden. Immers, Einstein zei al: “Je lost een probleem niet op vanuit hetzelfde soort denken dat tot het probleem heeft geleid.” Het kan wel eens dé oplossing voor je organisatie of bedrijf zijn.

Wat de onbewuste laag van je organisatie je vertelt

Je eigen organisatie écht kennen
Zou het niet heerlijk zijn wanneer je als directie weet wat de wérkelijke (onbewuste) waarde van je organisatie is voor de mensen die er mee te maken hebben? Dat je weet wat er onderhuids in je organisatie speelt? En hoe je écht van betekenis kunt zijn voor je medewerkers, je klanten en je andere stakeholders? Ik heb ervaren dat ik je daarbij helpen kan doordat ik de onderstromen binnen een organisatie kan lezen.

Het ware verhaal
In een organisatie/bedrijf stroomt veel energie, niet alleen vanwege machines, computers, verlichting en verwarming, maar ook door het toedoen van mensen. Het is voor iedereen zichtbaar/voelbaar dat op een plek waar iedereen druk en gehaast is er een andere sfeer/energie heerst dan daar waar mensen rustig en relaxt zijn. En als er ergens een hoogoplopend conflict is geweest, is dat vaak vlak daarna in de ruimte nog voelbaar. Dit zijn de ‘onderstromen’ binnen een organisatie. We zijn ons niet bewust van die energie, maar het is er duidelijk. Het mooie van deze energie is dat deze ‘het ware verhaal’ vertelt over wat er gaande is binnen en tussen teams, afdelingen en organisaties. Het geeft onbewuste patronen, communicatiestijlen en reacties weer. Het moeilijke is dat we deze energie niet kunnen oppikken met ons verstand of onze vijf zintuigen.

Menselijke energie als bron van informatie
Maar alles is te leren en zo heb ik in 2010 een driejarige opleiding afgerond om die energieën bij mensen en tussen mensen waar te kunnen nemen. Tijdens en na deze opleiding heb ik voorzichtig geëxperimenteerd hiermee binnen adviesopdrachten waarbij ik betrokken was. De resultaten waren dusdanig positief dat ik deze wijze van adviseren nu bewust als zodanig wil profileren.

Dit ‘lezen van de onderstromen’ is een belangrijk onderdeel van een nieuwe en unieke vorm van advies die ik organisatiehealing noem. Het is zeer waardevol voor bedrijven en organisaties bij:

  • concrete, maar niet benoembare knelpunten, verstoringen, klachten (in welke vorm of op welk niveau dan ook)
  • worstelen met vragen als ‘waar doen we het eigenlijk voor?’, ‘wat is onze essentie?’, ‘welke betekenis hebben we voor mensen en/of de maatschappij?’
  • (her)formulering van identiteit, visie en/of ‘corporate strategy’

Praktijkvoorbeeld
Hoe ziet dat er in de praktijk nu uit met die energie? Een voorbeeld: ik trof in een organisatie de situatie aan dat er ondanks alle open deuren erg sprake was van een eilandjescultuur. Het was iedere afdeling voor zich. Voor mij was dat waarneembaar, omdat de energie heel duidelijk stokte bij de kantoordeuren. Het ging niet de gang op om verbinding te maken met andere afdelingen. De eilandjescultuur is benoemd naar de directie en een van de daaropvolgende acties was het bewust stimuleren van een actievere samenwerking tussen de verschillende afdelingen.

Wilt u meer weten over deze bijzondere vorm van advies? Een mailtje of telefoontje naar EchtRob is voldoende.

Kerstblog: “U zult uw Redder vinden in een oude stal, liggend in een voerbak voor de dieren.”

“Uw Redder is gearriveerd. U treft hem in een stal, liggend in een voerbak voor de dieren.”

Wie? Wat? Waarheen?
Kerst 2012. Een wereld in beroering en dat is nog zachtjes uitgedrukt. Steeds meer mensen, organisaties en zelfs landen raken in de verdrukking. We kijken met z’n allen onzeker om ons heen. Wat gebeurt er in hemelsnaam? Wat moet ik doen? Waar moet ik heen? Wat is er aan de hand in de wereld, in mijn organisatie, in mijn leven? Waar is iemand om op te leunen? Iemand die mij zegt welke richting ik op moet? Of op z’n minst iemand die op kalme toon zegt dat het wel weer goed komt?

Redding is nabij
Tweeduizendentwaalf jaar geleden was het niet anders. Grote ontreddering, crises, onzekere tijden, mensen zochten naar houvast, naar richting. Ogen waren gericht op het hof, maar ook keizers, faraos en hun wijze mannen hadden niet de gewenste antwoorden. Uiteindelijk kwam de redding voor velen uit een totaal onverwachte hoek: in een uithoek van een derderangs dorp werd in een verlaten stal een kind geboren. Bij gebrek aan beter werd de voerbak van de dieren gebruikt als wieg. Dit kind, Jezus, werd uiteindelijk door velen gezien als Redder, Richtinggever, Leider.

Op zoek naar…
Moeten we nu met z’n allen weer op zoek gaan naar ‘een nieuwe Jezus’? Nee, volgens mij niet. Maar wat dit verhaal ons wél vertellen kan, is dat we voor verlichting en verlossing misschien eens op andere plekken moeten zoeken, onbekende terreinen moeten betreden en niet-voor-de-hand-liggende ideeën een kans moeten geven.

Koers bepalen vanuit je eigen Essentie
Steeds meer mensen en organisaties ontdekken dat de manier waarop wij gewend zijn te doen, niet meer datgene oplevert wat we er van verwachten op basis van onze kennis en ervaring. Als de manier waarop jij gewend bent te doen opeens niet meer werkt en je op zoek moet naar iets anders, dan ben je een moment stuurloos, richtingloos. Om een nieuwe richting te bepalen, is het wel van essentieel belang om te weten wat de essentie van je bestaan is en het doel dat je uiteindelijk wilt bereiken. Laat door alle weelde en uitspattingen van de afgelopen jaren dat nu net dé twee zaken zijn die mensen en organisaties niet meer (her)kennen. En als je niet weet wat je eigen essentie is, de spil van je eigen Ik, en ook niet weet waarvoor je op deze aarde bent, welk doel je uiteindelijk wenst te bereiken… tja, dan is het logisch dat angst en onzekerheid toeslaat.

Doe het eens anders
Stop nu eens met het gebruiken van je verstand om uit de draaikolk te komen die je stuurloos, richtingloos en weerloos maakt. Heb je nog niet in de gaten dat dat niet (meer) werkt? Onder andere wijlen Steven Covey wist te vertellen dat een mens eigenlijk vier vormen van intelligentie bezit: fysiek (lichamelijke reacties), mentaal (verstand), emotioneel (gevoelens) en spiritueel (intuïtie). We proberen vooral met onze mentale intelligentie (héél veel nadenken) en onze fysieke intelligentie (héél hard werken) weer op koers te komen. Helaas zonder veel succes.

Wat wél werkt
Hoe lang zal het nog duren voor we de andere twee ontdekken en gaan gebruiken? Wanneer gaan we de paleizen van het verstand verlaten om in de onooglijke en verlaten buitengebieden van onze persoonlijkheid het gevoel en de intuïtie te ontdekken? En ja, áls we het dan eindelijk ontdekken, zal het een baby zijn, net als 2012 jaar geleden. Nog niet in staat tot veel, maar kirrend van vreugde dat het ontdekt is. Dus moeten we het voeden, aandacht geven, er mee spelen en het serieus nemen. Als we dat doen met ons gevoel en onze intuïtie, als mens en/of organisatie, dan zal het ons snel helpen om richting te geven en houvast te bieden.

En als je goed luistert naar je eigen innerlijk, zul je een stemmetje op kalme toon horen zeggen dat het allemaal wel weer goed komt. En zo is het.

Ik wens je gezegende kerstdagen en een koersvast nieuw jaar.

Eerlijkheid is het nieuwe groen

Er was een tijd dat ‘groen’ als bedrijf niet hip was. Het was de tijd dat alleen écht milieu-/maatschappijbewuste ondernemingen als zodanig betiteld werden. ‘Groen’ werd geassocieerd met ‘soft’, ‘lief’ en ‘niet commercieel’; drie kenmerken die geen bedrijf wilde.

Marketinggroen
Maar tijden veranderden en consumenten begonnen ‘groen’ te waarderen. En zodra ‘groen’ (markt)waarde kreeg, doken marketeers erop en werd het ene na het andere bedrijf groen. Hoeveel van deze bedrijven écht tot in de diepste poriën groene waarden hadden/hebben en hoeveel bedrijven slechts een beetje groene make-up hadden opgesmeerd, kunt u vast heel goed zelf beoordelen.

Eerlijk(e) waar
De laatste tijd zie ik hetzelfde gebeuren met ‘eerlijkheid’. Consumenten willen geen mooie praatjes meer, geen valse beloften, geen mazen-in-de-wet-reclameteksten. Consumenten willen de naakte waarheid (hebben ze eigenlijk ooit anders gewild?). Dat besef lijkt inmiddels te zijn doorgedrongen tot ongeveer alle marketingbureaus en marketingafdelingen, want ik struikel werkelijk over de hoeveelheid bedrijven en organisaties die heel hard roepen hoe eerlijk ze zijn, dat ze een geweten hebben en dat ten dienste van de consument inzetten, dat transparantie een kernwaarde is, etc.

M-driehoek: Mens-Mij-Maatschappij
Ik durf te stellen dat deze (her)ontdekte eerlijkheid het nieuwe groen is. Hoeveel organisaties en bedrijven zouden er DAADWÉRKELIJK en OPRECHT eerlijk en open naar de klant zijn? Bij hoeveel gaat het écht in eerste instantie om de klant en in latere instantie om henzelf ? Bedrijven en organisaties die werkelijk de waarde ‘eerlijkheid’ hebben geïncorporeerd en tot in de diepste laag van de ziel de klant voorop stellen, zouden mijns inziens als vanzelf een paar basisacties uitvoeren, zoals het onmiddellijk stopzetten van zelfverrijking en het totale beleid en alle beslissingen meten aan het nut voor mens (= de klant), mij (=bedrijf) en maatschappij.

Beëdigd eerlijk
Het is al weer drie jaar geleden dat Herman Wijffels op een congres over duurzaam leiderschap aangaf dat eigenlijk ieder bedrijf naast een accountancyverklaring over Profit ook een accountancyverklaring zou moeten hebben over People en Planet. Naar mijn mening is dat idee nog steeds actueel. Sterker nog: het kon weleens het kaf van het koren scheiden.

Bedrijven en organisaties die oprecht en vanuit hun essentie, hun ziel, eerlijk zijn en handelen vanuit de belangendriehoek Mens-Mij-Maatschappij (de M-driehoek) zullen geen enkele moeite hebben om zo’n ‘verklaring van goed gedrag’ goedgekeurd te krijgen door een onafhankelijke en beëdigde persoon of instantie.

Meaningful Marketing
En mocht u het idee hebben dat handelen vanuit de M-driehoek niet tot volledige tevredenheid werkt op het gebied van winst, omzet, groei en (merk)waarde: grootheden als Michael Porter en Philip Kotler zijn het met u oneens. Zij –en met hen vele anderen – geven steeds duidelijker weer dat deze M-driehoek juist dé weg naar succes is. Tenminste… zolang u het niet doet met winst/omzet/groei als doel, want dan zult u falen. Doe het vanuit oprechte intentie (betekenisdenken / meaningful marketing) en winst/omzet/groei zal zich als bijproduct rap ontwikkelen.

Waarom doe jij wat je doet?

Allemaal onzin
“Allemaal onzin, dat gedoe van betekenisdenken, maatschappelijke verantwoordelijkheid, liefdevolle organisaties. Er moet gewoon geld verdiend worden. Niet meer, niet minder.” Zo begon de man links van me het gesprek. Ik vroeg: “Waarom dan?” “Gewoon”, zei hij, “gewoon, omdat het nu eenmaal zo is.” En ik weer: “Ja maar, waarom is het dan zo?” Ik voelde me net een kleuter van 4 die in de ‘waarom’- fase zit. Ongeduldig kreeg ik als antwoord: “Zo werkt de economie. Als je maar genoeg geld verdient, maak je winst en als je winst maakt, kun je doorgaan.”

Ben jij onmisbaar?
De man keek oprecht verbaasd dat ik die simpele logica nog niet door had. Wat deed zo’n naïef iemand als ik op deze hoogstaande bijeenkomst. “En is dat belangrijk, doorgaan?”, vroeg ik. “Duuh”, was het enige dat hij kon uitbrengen. “Waarom?” vroeg ik in oprechte interesse. “Hoezo waarom?” Hij keek me oprecht onbegrijpend aan. “Nou, waarom is doorgaan belangrijk?”, herhaalde ik. De man nam zijn glas wat steviger in zijn hand en zei aarzelend: “Ik begrijp je vraag niet.” Ik: “Zo moeilijk is ‘ie niet: waarom is het zo belangrijk dat jouw bedrijf doorgaat? Doe jij iets onmisbaars? Gaat de wereld ten onder als jouw bedrijf stopt?” “Rob, doe niet zo idioot”, zei de man en daaruit bleek hoe slecht hij me kende, “Wie doet nou iets onmisbaars?” “Ik moet doorgaan, om meer geld te verdienen.” “Dus je moet geld verdienen om door te gaan en doorgaan om geld te verdienen?” Van deze redenatie was de man zichtbaar in de war. Hij schudde zijn hoofd een keer en keek mij indringend aan. “Wat is het nu precies dat je wilt weten?” vroeg hij uiteindelijk heel langzaam. “Waarom doe jij wat je doet?” vroeg ik hem net zo langzaam.

Drie niveaus van bestaan
Die laatste vraag heb ik in mijn leven al zo vaak gesteld aan mensen dat ‘ie grijs begint te worden. Al vele jaren voordat ik identiteitsmarketeer werd en zelfs al voordat ik communicatie als vakgebied koos, confronteerde ik mensen met hun keuzes. Waarom doe jij wat je doet? Het ging dan niet alleen over werk. Vaak ging het ook over keuzes in relaties, studie en persoonlijke ontwikkeling. Maar in dit stukje gaat het wel over werk. Waarom doe jíj wat je doet? Ja, jij! Jij, die nu dit stukje leest.

Volgens psychologen als Maslow, Richard Barrett en Kaj Morel zijn er diverse niveaus voor het antwoord op deze waarom-vraag. Meest recent is de driedeling van Morel: Aan de basis staan antwoorden als ‘een mens moet toch leven?’(niveau ‘baan’), daarboven ‘omdat ik er goed in ben’ (niveau ‘carriere’) en helemaal bovenin staan antwoorden als ‘ik wil verschil maken’ en ‘ik wil de wereld een beetje beter maken’ (niveau ‘missie’). De laatste tijd hoor ik antwoorden van dat laatste niveau weer vaker voorbij komen. En ik zie in interviews leiders uit politiek en bedrijfsleven gedrag vertonen dat hier ook op aansluit. Daar word ik blij van.

Betekenisvol leven
Mensen willen weer van betekenis zijn voor anderen, willen anderen gelukkig maken. En jij? Weet jij eigenlijk al waarom jij doet wat jij doet? En als het antwoord in het hoogste niveau past, hoe heb je dat dan concreet gemaakt? Hoe maak jij verschil? Voor wie ben jij betekenisvol? Hoe wordt door jou de wereld een stukje mooier? Deel met mij jullie ervaringen. Laten we een verzameling maken van ‘best meaningful practices’. Als er dan weer iemand naar mij toekomt met de opmerking ‘allemaal onzin’, dan geef ik hem gewoon dat verzamelboek. Lijkt mij heel betekenisvol.

Pleidooi voor échte marketing

“Marketing is NIET: zo hard mogelijk roepen wat (je denkt dat) de consument horen wil.” Zo, dat is er uit. Bevlogen als ik ben over marketing bedrijven, valt mij steeds meer op wat er allemaal geroepen wordt door bedrijven om maar (meer) klanten te krijgen. En dan heb ik het niet over stokoude, overbekende claims als ‘witter dan wit’.

Waar ik het wel over heb, is dat ik tegenwoordig steeds meer bedrijven een verhaal zie/hoor vertellen dat eigenlijk nietszeggend is of soms domweg niet waar kan zijn. Dat kan toch niet de bedoeling van marketing zijn?

Zijn banken je grote vriend?
“Ik wil geen lokkertje, ik wil altijd een goede spaarrente.” Ja dûh, dat is toch logisch! Kregen we dat voorheen dan niet? Werden we voorheen afgescheept met lokkertjes? Ik heb altijd gevraagd om de laagste spaarrente en de bank heeft altijd gezegd dat ie de laagste had. Was dat dan niet zo?

“Iedereen bankiert op zijn eigen manier.” Altijd al zo geweest, maar toch is jarenlang geprobeerd dat heel erg één kant op te sturen: iedereen moest en zou internetbankieren. Véél veiliger, veel makkelijker, veel goedkoper. En tegelijk sloot het ene na het andere kantoor. En nu vind de bank het opeens prima om de oude overschrijvingsformulieren terug te halen? Vreemd. En komen dan ook de kantoren weer terug voor het persoonlijk contact?

“De bank anno nu.” En dat was voorheen niet zo? Voorheen liep de bank achter? Ging niet met de tijd mee?

Alle supermarkten zijn het goedkoopst.
Het zijn niet alleen de banken die rare manoevres uithalen. Kijk naar de supermarkten: allemaal roepen ze de goedkoopste te zijn, zelfs de duurdere. A) hoe is dat mogelijk? en B) waarom?. De meesten kennen het antwoord op beide vragen, maar toch… waarom de focus op prijs? Oké, in deze tijd let de consument erg op het geld en denkt vooral op boodschappen te kunnen besparen (terwijl die besparing in werkelijkheid minimaal is) en dus is focus daarop voor de hand liggend. Maar als ‘de laagste prijs’ nou niet direct in je (oorspronkelijke!) missie/visie/strategie zit, waarom dan toch daarvoor kiezen? Waarom niet je missie willen uitdragen?

5 punten maken marketing echt
Wat wil ik met deze voorbeelden bereiken? Marketing heeft niet als doel mensen te verleiden om ze te laten doen wat jij wilt. Het gaat bij marketing in de eerste plaats zelfs niet eens om de klant (ja, dit leest u goed: het gaat niet om de klant). Marketing gaat om de relatie tussen u en de (potentiële) klant. En daarvoor zijn vijf zaken nodig:

1)      Weten wie je bent (identiteit, karakter, cultuur, normen&waarden, eigenschappen);
2)      Weten waar je GEWELDIG in bent, waar je gewoon goed in bent en wat je niet kunt;
3)      Op alle mogelijke manieren uitstralen wat bij punt 2 staat, vooral het geweldige deel;
4)      Ontdekken wie er behoefte/verlangen heeft of in de toekomst kan krijgen in dat gene waar jij GEWELDIG in bent of gewoon goed;
5)      Het uitstralen (punt 3) helemaal concentreren op de mensen die je ontdekt hebt bij punt 4.

Met bovenstaande 5 punten vertel ik niets nieuws. Waarom zie ik dit dan nog zo weinig terug? Sterker nog: bij grote organisaties zie ik het nergens meer. Als deze vijf punten al ergens nog worden uitgevoerd, is het bij de kleine middenstander en de zzp-er.

Pleidooi voor terugkeer naar echte marketing
Bij deze een oproep aan alle managers en marketingprofessionals: laten we allemaal, stuk voor stuk, alstublieft weer vanuit deze 5 punten marketing bedrijven. Doe de (crisis)oogkleppen af. Verlos jezelf van de (recessie-gedreven) tunnelvisie. Doe weer aan echte marketing.

Betekenismarketing
Marketing vanuit deze 5 punten is de pure marketing, de oorspronkelijke marketing, de marketing zoals het hoort en ooit bedoeld was. Eigenlijk zou alle marketing deze vorm moeten hebben, maar dat is helaas niet meer zo. Om toch het kaf van het koren te kunnen onderscheiden, noem ik deze pure, echte, oorspronkelijke marketing ‘betekenismarketing’. Immers: het gaat in oorsprong bij de relatie tussen organisatie en (potentiële) klant om de betekenis die je voor elkaar hebt.  “Wat kan ik betekenen voor jou?” zou de eerste vraag moeten zijn die iedere manager/marketingprofessional stelt aan een (potentiële) klant.

Laten we allemaal vanaf 2012 betekenismarketing gaan bedrijven. Echt, oorspronkelijk en gericht op wat we voor elkaar kunnen betekenen.

Eindejaarsoverweging 2011

31 december 2011. De allerlaatste dag van dit (kalender)jaar. In deze blog werp ik mijn eerste en laatste blik achterom om daarna op volle kracht weer vooruit te gaan.

Ingrediënten van 2011
Bij alles wat in 2011 is gebeurd, zie ik drie thema’s steeds weer opnieuw terugkomen: Bewustwording – Transparantie – Verbinding.

Op macro-niveau: de ondergang van Zuid-Europese landen, de nieuwe positie van landen als Brazilië, India, China, het machtsverlies van de Verenigde Staten, het onvermijdelijke einde van de Amerikaanse ‘leven op de pof’-cultuur en het gedrag van Moeder Aarde)

Op meso-niveau: bedrijven en organisaties die ‘back to basic’ willen of moeten en ontdekken dat ze totaal niet meer weten wie/wat/hoe/waar hun ‘basic’ is of er zover van af zijn geraakt dat ze er niet meer bij kunnen op de normale manier.

Op micro-niveau: mensen die en masse individueel ‘wakker worden’ (bewust worden) en zich met elkaar verbinden om zo een enorm sneeuwbal-effect te bereiken, bv. Arabische Lente en Occupy (in de beginperiode).

Het verbond van de Drie-eenheid
In veruit de meeste culturen, stromingen en religies is de drie-eenheid een zeer krachtig verbond. Vader+moeder=Kind (en kind wordt op zijn beurt weer vader of moeder), ‘Vader-Zoon-Heilige Geest’, Drie Musketiers, De Drie Wijzen, These+antithese=synthese, een driepoot is de eerste stabiele vorm, ‘lichaam-geest-ziel’, E=MC2 zijn allemaal voorbeelden van een drie-eenheid op diverse gebieden.

Dat krachtige verbond zie ik ook in deze drie thema’s terug. Het mooie ervan is namelijk dat ze elkaar zo sterk beïnvloeden en dat ze alle drie de andere twee als aandrijfkracht gebruiken. Elk gebruikt de andere twee en levert aan de andere twee. Ze voeden elkaar continu en onophoudelijk. Dat maakt dat deze beweging -eenmaal bezig- geen weg terug kent.

Onomkeerbaar en niet te stuiten
Er komt alleen maar meer en meer. Ergens tussen 2008 en 2011 is deze machine op gang gekomen, maar nu het op alle niveaus steeds zichtbaarder en voelbaarder terugkomt, is het voor iedereen onomkeerbaar en onvermijdelijk. Het is als een sneeuwbal die klein en onschuldig boven in de berg begint, maar die inmiddels zo is gegroeid dat zijn omvang het hele bergdorp in de schaduw legt.

Transformatie
In retroperspectief zou ik 2011 daarom het Beginjaar van de Transformatie willen noemen. De drie thema’s zijn de basisingrediënten voor de wereldwijde verandering waar we voor staan. Dat dit zowel op macro-, meso- en microniveau gebeurt, vind ik opvallend en tegelijk bemoedigend. Alleen zo komen we waar we wezen willen.

Van oud naar nieuw
Onze huidige leef- en denkwijze is ten einde, de ontwikkeling van een nieuwe leef- en denkwijze neemt steeds duidelijkere vormen aan, op alle niveaus. Dat dit deels gedwongen is (veelal op macroniveau) en deels vrijwillig gebeurd (ontwikkeling van individuele spiritualiteit en innerlijke groei), is juist goed. Om vooruit te komen is die samenstelling nodig. Noem het maar een drijvende kracht. Laten we ons daardoor niet van de wijs brengen. Het is het begin van iets groots en moois.

Meer dan een jaarwisseling
Dit Oud&Nieuw is dus meer dan een jaarwisseling. Het is een dimensiewisseling en 2011 was het ‘kick off’-jaar van deze transformatie. Dat betekent roerige tijden die we tegemoet gaan. Veel ontberingen zullen we door moeten, soms alleen, soms met z’n allen. En hoe lang het duurt weten we niet. Maar we weten wel waar we het voor doen, want (ver?) aan de horizon wacht ons een glansrijke, zielsmooie en harmonieuze samenleving. “BUCKLE UP!!! WE’RE GOING IN!”

Allen een gelukkig, voorspoedig en behouden 2012 gewenst.

Crisisaandacht of aandachtscrisis

Aandacht voor de klant. Wat vinden we met z’n allen dat toch weer belangrijk in deze tijden van crisis. Waarom hebben we toch iedere keer weer een crisis nodig om te beseffen dat klanten zorgen voor inkomsten en daardoor ons voortbestaan veilig stellen? Je mag ze ook gasten, cliënten, patiënten, studenten, leden, ingeschrevenen of betalende bezoekers noemen. Feit is dat het bedienen van een bepaalde groep mensen het bedrijf of de organisatie geld oplevert. En die groep mensen bedoel ik.

Vanzelfsprekendheid bepaalt gedrag
Als alles goed gaat, wordt deze groep al snel als vanzelfsprekend gezien. En zo’n mindset verandert je gedrag. Kijk maar eens goed naar jezelf of iemand die je goed kent (je partner?). Hoe gedraag jij je tegenover mensen die continu om je heen zijn? En waarin verschilt dat met je gedrag tegenover anderen? Je zou bijna zeggen dat klanten zgn. ‘dissatisfiers’ zijn: pas als er iets mis gaat, is er aandacht voor.

Prioriteit aan vanzelfsprekendheid
Hoe zorg je er voor dat een klant in al zijn vanzelfsprekendheid toch altijd goed bediend wordt? In slechte én goede tijden. Als ik dan om me heen kijk en succesverhalen van anderen hoor, is de conclusie zo helder dat het voelt als het intrappen van een open deur: het antwoord zit niet in de ander (de klant wil dit, de klant vraagt dat), maar IN MIJ (de organisatie)! Als de vanzelfsprekendheid (in ons geval de klant) vergezeld gaat met een hoge prioriteit, dan is er eigenlijk vanzelf de juiste aandacht. Nou ken ik eigenlijk maar één situatie waarbij vanzelfsprekendheid en prioriteit hand in hand gaan en dat is wanneer je daadwerkelijk en oprecht om iemand geeft.

 

Waarom?
Hoeveel geeft een bedrijf/organisatie daadwerkelijk om de klant? Echt en oprecht? Dit brengt mij op vragen die ik wel vaker stel: Waarom doet een bedrijf/organisatie wat het doet? Waarom doet het ‘zijn ding’ op de manier waarop hij het doet en niet anders? Waarom doen de mensen die er werken wat ze doen? En waarom op die manier?

Eigen drijfveren en behoeften communiceren
Managers en marketingmensen denken vreselijk vaak na over het ‘waarom’ van de klant, maar hoe vaak denken ze na over hun eigen waarom? Hoe vaak zoeken zij/wij naar de drijfveren/behoeften van zich/ons zelf? Ik ben er van overtuigd dat als managers/marketeers beter kunnen beredeneren wat de eigen drijfveren/behoeften van hun bedrijf/organisatie zijn, het voor medewerkers veel makkelijker is om de vanzelfsprekendheid van de klant te koppelen aan een hoge prioriteit.

Uitdaging aan marketeers en leidinggevend
Dus: marketeers en leidinggevenden van Nederland: waarom zou uw medewerker eigenlijk de klant op nummer één moeten zetten? Hopelijk komt u nu niet met geld, winst, baanbehoud, salaris, continuïteit van het bedrijf of andere economische motieven. Dat werkt alleen maar tijdelijk (en vooral in tijden van crisis), dat is al jarenlang gebleken uit diverse onderzoeken. En ook HRM-vastgeroeste antwoorden als ‘omdat hij niets liever wil’ of ‘vanwege passie voor de klant’ zijn te vaag en algemeen (want: wil hij echt niets liever? Echt niet? Waar ligt dat aan dan?).

Voornemen voor 2012?
Voor ik zelf met mijn eigen idee/antwoord kom, daag ik u uit deze vraag voor uw eigen organisatie/bedrijf te beantwoorden. Misschien een goed voornemen voor 2012? Ik wens u het beste.

Slapeloze nachten

Een goede nachtrust mag ik echt tot mijn zegeningen rekenen. Zodra mijn hoofd het kussen raakt, slaap ik zonder wakker te worden tot de volgende ochtend. Ook op andere plekken en momenten slaap ik prima. Overdag of ’s nachts, licht of donker, in lawaai of stilte: wanneer ik slapen wil, ben ik in luttele minuten vertrokken. Zorgen, problemen, stress? Ik kan me er tot de laatste seconde voor het slapen gaan druk over maken, maar zodra ik in bed lig, slaap ik. Toen mijn dochter nog een baby was en ik er ’s nachts nog wel eens uit moest, ook niets aan de hand. Wakker worden, je ding doen en direct weer slapen. Nergens last van. Héérlijk!

 

Een bijzondere ervaring

En toen kwam die eerste slapeloze nacht. Het was vlak na mijn echtscheiding, in een van de eerste weken dat ik ‘ons’ huis uit was en in ‘mijn’ huurwoning woonde. Ik viel niet in slaap, helemaal niet. Ja, een paar keer kort om binnen vijf à tien minuten weer wakker te worden. Tijd ging nog nooit zóóó langzaam. Iedere seconde leek zeker een uur te duren. En dan is een nacht van zes à zeven uur een hele lange tijd. Na drie van zulke nachten was het gelukkig over en sindsdien slaap ik weer als vanouds.

 

Volledig verloren

Die slapeloze nachtenreeks was een van de vreselijkste ervaring die ik heb meegemaakt in mijn leven. Ik hoop het nooit meer mee te maken. Alleen al bij de herinnering eraan, ervaar ik weer de pijn en de angst van toen. Tegelijkertijd was het ook een van de meest belangrijke ervaringen die ik ooit heb meegemaakt. Het deed mij enorm beseffen hoe diep de intensiteit was van de situatie waarin ik mij bevond. Ik zat in een van de meest wezenlijke, diepgaande periodes van mijn bestaan. Het mij zo bekende en vertrouwde leven was over en een nieuw leven lag nog onzichtbaar in de verte te wachten. Alle zekerheden waren weg, geen idee welke richting waar naar toe ging. Ik voelde me volledig verloren.

 

Waarom vertel ik dit?

Met alles wat er nu in de wereld gebeurt, moet ik vaak aan deze tijd terugdenken. Wat mij toen als mens overkwam op microniveau, zie ik nu in de wereld op macroniveau gebeuren. Ik herken de signalen, het gevoel, de emotionele reacties. Eén voor een vallen wereldwijd steeds meer zekerheden weg. En dan heb ik het niet alleen over de financiële crisis. We zien wereldwijd (Japan, VS, Europa, Midden-Oosten, China) nu zulke gekke dingen gebeuren, dat niemand meer kan beweren dat er überhaupt nog bepaalde zekerheden zijn. Alles is vanaf nu mogelijk. We kunnen het misschien nog even met z’n allen ontkennen, maar de waarheid is: het ons zo bekende en vertrouwde leven is over en een nieuw leven ligt nog onzichtbaar in de verte te wachten. Alle zekerheden zijn weg, we hebben geen idee welke richting waar naar toe gaat.

 

Buiten onze wil

Het vreselijkste moment is wanneer je er midden in zit. Niemand wil dat moment meemaken. Maar opeens is dat moment er en het gaat echt niet weg. Hoe hard ik destijds ook mijn best deed om te gaan slapen, het gebeurde gewoon niet. En hoe hard we in de wereld nu ons best doen om alle toestanden te beheersen, het zal niets uithalen. Wat nu gebeurt moet gebeuren. Het ligt buiten onze wil.

 

Beter, sterker, heler

Het goede nieuws (ja, dat is er!) is, dat als je het doorstaan hebt en je jaren later erop terugkijkt, je de waarde van die periode in alle helderheid kunt zien. En het zal je de uitspraak ontlokken: het was op dat moment vreselijk om te ervaren, maar nu ben ik er dankbaar voor. Juist die periode heeft mij gevormd zoals ik nu ben. Ik ben er beter, sterker, heler door geworden.

 

De essentie van de wereld

Mijn slapeloze nachten liggen inmiddels vier jaar achter me. Ik voel nog steeds de pijn, het verdriet, de machteloosheid. Maar ze zijn me zeer waardevol geworden. Ze brachten mij naar de essentie van mijn leven. En zo weet ik zeker dat wanneer de slapeloze nachten van de wereld voorbij zullen zijn, we ooit samen terug zullen kijken met datzelfde gevoel. We zullen er nu niet makkelijker of eerder door slapen, maar misschien maakt dit toekomstbeeld de slapeloze nacht waarin we nu massaal verkeren een beetje draaglijker.

Puzzelstukjes

Het begin is makkelijk

Als kind was ik gek op legpuzzels. Mijn grootste legpuzzel had zo’n 3000 stukjes en ik heb er weken over gedaan om die helemaal af te krijgen. En dat was met het voorbeeld erbij! In het begin ging alles heel vlot. Hoekjes zijn snel gevonden en op de juiste plaats gelegd. De randen van de puzzel zijn ook makkelijk herkenbaar en zo is het kader al snel zichtbaar gevormd. Iets moeilijker, maar nog steeds werkbaar, werd de voorgrond van de puzzel. En toen kwam de achtergrond… 100 stukjes die allemaal gras zijn, 300 stukje heldere blauwe lucht. Hoe weet ik nu wat waar hoort? De afbeelding op alle stukjes zijn identiek. Het enige verschil is de vorm van het puzzelstukje.

 

Forceren, bijknippen en bijschaven

Organisaties/bedrijven zijn eigenlijk net legpuzzels. Het is een groot geheel gevormd door talloze losse stukjes die aan elkaar passen. Alhoewel: aan elkaar passen? Bij veel organisaties heb ik het idee dat er niet naar dat ene juiste (puzzel)stukje is gezocht. Er is meer gedacht van ‘ach, dit past wel enigszins’. In de puzzelmetafoor: met geweld een stukje op een plek drukken die er niet hoort of een stukje beetje bijschaven of bijknippen zodat het wel past. Ieder van ons weet uit eigen ervaring dat dit bij puzzels niet werkt. Waarom zou het bij organisaties dan wel werken? Veel organisaties zijn uit balans omdat er teveel geforceerd, geknipt en geschaafd is. En dat is echt niet nodig. Maar voor langer doorzoeken naar wél het juiste stukje nemen we eenvoudigweg de tijd niet.

 

Organisatie in balans

Een organisatie in balans krijgen, is echt net als het leggen van een puzzel. De vier hoeken zijn het simpelst. Het zijn de belangrijkste pijlers van jouw organisatie, bijvoorbeeld de core-business, kernwaarden, klantgroepen, concurrenten. Daarna volgen de randen. Bij organisaties kun je dan denken aan missie & visie, ambities, cultuur, regels, procedures. Vrij herkenbaar en goed te plaatsen. Het kader waarbinnen de organisatie verder wordt vormgegeven, ligt nu (letterlijk) vast. Het binnenwerk van de organisatie is voor het eerste deel nog redelijk goed in te vullen. Een aantal functies zijn makkelijk te vertalen naar bepaalde mensen en uit procedures vanuit het kader volgen als vanzelf bepaalde taken/werkzaamheden. Maar dan… iedere organisatie heeft ook z’n eigen 100 stukjes gras en 300 stukjes heldere blauwe lucht. Hoe ga je daar mee om?

 

Elk stukje op de juiste plek

Net als bij de legpuzzel, komt het al snel neer op zelf uitzoeken wat het beste past. En hoe deed je dat bij de gewone legpuzzel? Waarschijnlijk net als ik en vele anderen: alle stukjes liggen afzonderlijk van elkaar verspreid over de hele tafel en je dwaalt er met je aandacht (je ogen en vingers) langs. Bij sommige stukjes krijg je het idee dat die wel eens zouden kunnen passen en die probeer je dan als eerste. Vaak blijkt zo’n ingeving te kloppen en zo vult de puzzel zich langzaam. Meer stukjes vinden hun juiste plek, minder stukje blijven in de periferie hangen en uiteindelijk zijn er nog zo weinig over dat de rest invullen weer een makkie is.

 

Voorbij het moeilijke deel

Ook bij organisaties werkt het zo: leg alle elementen van de organisatie bloot, laat niets achterwege. Loop vervolgens alle elementen langs met je aandacht en bij sommige zul je een idee hebben hoe die zijn in te passen in de organisatie. Soms is een tweede of derde poging nodig, maar als je goed naar je gevoel luistert zal het snel raak zijn. Uiteindelijk blijven er zo weinig elementen over dat het laatste deel weer makkelijk in te vullen is. En dan… is daar het moment van het laatste stukje. Met veel trots en voldoening (en soms een zucht van verlichting) leg je het op z’n plaats en maakt daarmee de puzzel af. Het is klaar! Alle losse delen samen vormen een harmonieus groter geheel.

 

Waar organisaties vast blijven zitten

Helaas zie ik bij organisaties dit laatste deel nooit gebeuren. Op een of andere manier komen we niet voorbij dat moeilijke stuk waar alles op elkaar lijkt. We moeten ons verstand even op de tweede plek zetten en ons gevoel/intuïtie aan het werk laten. Wat voelt goed? Wat klinkt goed? Hoe/waar/wanneer merk ik iets van ‘flow’? Waar bespeur ik passie en bevlogenheid? Hoe wakker ik die aan?

 

Organisatie in balans

Als we voor dit deel van ‘de organisatiepuzzel’ ons verstand durven los te laten en op onze intuïtie durven te vertrouwen, dan weet ik zeker dat een (jouw?) organisatie snel het punt bereikt waarop het verstand het voor het laatste deel weer kan overnemen. Je merkt aan alles in zo’n organisatie dat het goed loopt, dat er ‘flow’ is. Alle 3.000 stukjes hebben hun plek gevonden en wat je ziet zijn niet 3.000 losse stukjes, maar een groot geheel, harmonieus van aard en waarbij het heel duidelijk is wat het voorstelt. Balans in je organisatie, de puzzel af. Wie wilt dat nou niet?