Categorie archief: Uncategorized

De balans tussen goed en slecht

“Hoe gaat het?”
–“Ja, goed. Lekker vakantie, mooi weer, dochter geslaagd voor haar examen, nog een meevaller van de Belastingdienst gehad. Toppie!”
“En met je broer?”
– “Niet zo best, helaas. Zijn huis is nog steeds niet verkocht en vorige week is hij na een ernstige val in het ziekenhuis terecht gekomen.”

De begrippen “goed” en “slecht” zijn voor iedereen bekend. En we kunnen meestal ook heel makkelijk aangeven wanneer het goed met ons gaat of juist slecht (of iets er tussen in). Maar is het eigenlijk wel zo simpel?

Ik moet vaak denken aan een Oosters verhaaltje hierover. Kort weergegeven gaat dat als volgt:
“Door een mislukte oogst kunnen een boer en zijn zoon nog maar nauwelijks financieel rondkomen. Wat slecht, zeiden de mensen. Toen vond de zoon een paard waarvan de eigenaar onvindbaar was. In die tijd was het bezit van een paard een rijkdom en de mensen waren blij voor hen. Wat goed, zeiden de mensen. Het werk zou nu veel sneller gaan waardoor ze meer konden verdienen. Maar niet lang daarna viel de zoon van het paard en brak zijn been. Wat slecht, zeiden de mensen. Toen brak er oorlog uit en alle weerbare mannen werden opgeroepen. De kreupele zoon werd niet opgeroepen. Wat goed, zeiden de mensen.”

Iets dat goed lijkt, kan dus slecht uitpakken en andersom. Je denkt er goed aan te doen te investeren in vastgoed, maar dan stort de vastgoedmarkt in. Je blijft tegen beter weten in die ene ochtend langer in bed liggen, mist de trein waardoor je te laat op het werk komt voor die belangrijke bespreking, maar ontmoet wachtend op het perron de vrouw van je dromen. Kun jij nu nog zeggen wat er goed was en wat slecht?

Wat misschien wel interessant is om eens bij jezelf na te gaan: van welke momenten in je leven heb jij het meest geleerd? De momenten dat alles gewoon goed ging? Of de momenten dat het je allemaal wat tegen zat en je moeite moest doen om vooruit te komen?

Eigenlijk heeft ieder moment en iedere situatie een goede en een slechte kant. Als alles in je leven op rolletjes loopt, is dat van de ene kant bekeken goed. Maar van de andere kant bekeken: je gaat achteroverleunen, wordt er lui van, hebt je geen uitdaging meer en je verliest iedere motivatie. Dat is niet zo best. En wanneer je in je leven in een diep dal raakt, voelt dat waarschijnlijk heel slecht. Maar aan de andere kant: nu leer je doorzetten, je leert omgaan met moeilijke situaties, je leert dingen vanuit andere perspectieven te zien en zeer waarschijnlijk leer je jezelf een stuk beter kennen. Je ontdekt dat je sterker bent dan je dacht en tot veel meer in staat dan je voor mogelijk hield. Dat is geweldig!

Als je op die manier naar je eigen leven kijkt, zul je zien dat de zogenaamde ‘goede’ momenten en situaties je de kans geven even stil te staan en de zogenaamde ‘slechte’ momenten en situaties je in beweging zetten en je de kans geven je te ontwikkelen. En inderdaad… sommige mensen hebben beduidend meer ‘goede’ tijden dan anderen. Zo is het leven. Maar wie is daarbij dan beter af? Degene die stil staat of degene die zich continu ontwikkelt?

O ja, en over die man aan het begin van dit stukje: plots opkomend noodweer verwoestte zijn caravan, zijn dochter bleek het examen gekocht te hebben van een Ibn Ghaldounleerling en de meevaller van de Belastingdienst bleek voor zijn broer te zijn die daardoor toch in zijn huis kon blijven wonen, samen met zijn grote nieuwe liefde, te weten de verpleegster die hem in het ziekenhuis verzorgde. Het kan verkeren.

Wat de onbewuste laag van je organisatie je vertelt

Je eigen organisatie écht kennen
Zou het niet heerlijk zijn wanneer je als directie weet wat de wérkelijke (onbewuste) waarde van je organisatie is voor de mensen die er mee te maken hebben? Dat je weet wat er onderhuids in je organisatie speelt? En hoe je écht van betekenis kunt zijn voor je medewerkers, je klanten en je andere stakeholders? Ik heb ervaren dat ik je daarbij helpen kan doordat ik de onderstromen binnen een organisatie kan lezen.

Het ware verhaal
In een organisatie/bedrijf stroomt veel energie, niet alleen vanwege machines, computers, verlichting en verwarming, maar ook door het toedoen van mensen. Het is voor iedereen zichtbaar/voelbaar dat op een plek waar iedereen druk en gehaast is er een andere sfeer/energie heerst dan daar waar mensen rustig en relaxt zijn. En als er ergens een hoogoplopend conflict is geweest, is dat vaak vlak daarna in de ruimte nog voelbaar. Dit zijn de ‘onderstromen’ binnen een organisatie. We zijn ons niet bewust van die energie, maar het is er duidelijk. Het mooie van deze energie is dat deze ‘het ware verhaal’ vertelt over wat er gaande is binnen en tussen teams, afdelingen en organisaties. Het geeft onbewuste patronen, communicatiestijlen en reacties weer. Het moeilijke is dat we deze energie niet kunnen oppikken met ons verstand of onze vijf zintuigen.

Menselijke energie als bron van informatie
Maar alles is te leren en zo heb ik in 2010 een driejarige opleiding afgerond om die energieën bij mensen en tussen mensen waar te kunnen nemen. Tijdens en na deze opleiding heb ik voorzichtig geëxperimenteerd hiermee binnen adviesopdrachten waarbij ik betrokken was. De resultaten waren dusdanig positief dat ik deze wijze van adviseren nu bewust als zodanig wil profileren.

Dit ‘lezen van de onderstromen’ is een belangrijk onderdeel van een nieuwe en unieke vorm van advies die ik organisatiehealing noem. Het is zeer waardevol voor bedrijven en organisaties bij:

  • concrete, maar niet benoembare knelpunten, verstoringen, klachten (in welke vorm of op welk niveau dan ook)
  • worstelen met vragen als ‘waar doen we het eigenlijk voor?’, ‘wat is onze essentie?’, ‘welke betekenis hebben we voor mensen en/of de maatschappij?’
  • (her)formulering van identiteit, visie en/of ‘corporate strategy’

Praktijkvoorbeeld
Hoe ziet dat er in de praktijk nu uit met die energie? Een voorbeeld: ik trof in een organisatie de situatie aan dat er ondanks alle open deuren erg sprake was van een eilandjescultuur. Het was iedere afdeling voor zich. Voor mij was dat waarneembaar, omdat de energie heel duidelijk stokte bij de kantoordeuren. Het ging niet de gang op om verbinding te maken met andere afdelingen. De eilandjescultuur is benoemd naar de directie en een van de daaropvolgende acties was het bewust stimuleren van een actievere samenwerking tussen de verschillende afdelingen.

Wilt u meer weten over deze bijzondere vorm van advies? Een mailtje of telefoontje naar EchtRob is voldoende.

Een waardengedreven organisatie: hoe realiseer je dat?

Stephen Covey, Philip Kotler en Michael Porter hebben alledrie recentelijk gepubliceerd over ‘waarden’ als nieuw uitgangspunt voor organisaties/bedrijven. Niet langer staat de klant centraal, maar de waarden van het bedrijf. Het wordt weer tijd om naar onszelf te kijken.

Egoisme weer aan de top?
Is dit terug naar af? Mogen bedrijven nu weer ongegeneerd egoïstisch zijn en puur vanuit eigen belang opereren? Mensen die inhoudelijk de betreffende publicaties van deze heren kennen, weten wel beter. Als ik mijn bedrijf vanuit waarden willen voeren, dan gaat het niet om ‘mij’, maar om ‘wij’.

Evolutie van ‘ik’ via ‘jij’ naar ‘wij’
Alhoewel in het idee van een waardengedreven organisatie inderdaad de eigen organisatie het uitgangspunt is, wordt dit vanuit een andere dimensie bekeken. Ging het in het bedrijfsleven eerst om ‘ik’ (focus op bedrijf of product) en daarna om ‘jij’ (focus op klant), nu gaat het om ‘wij’.

Waarden verbinden
Doordat het om ‘wij’ gaat, is er iets dat ons bindt. Alleen door verbinding ontstaat ‘wij’. Een van de dingen die ons kan verbinden is het delen van dezelfde waarden. Het gaat bij waarden in diepere zin dus ook niet om het bedrijf zelf, maar om de positie van het bedrijf in de ‘wij’. Welke waarden delen we en met wie?

Dit perspectief maakt het breder dan marketing of management. Waarden zijn van het bedrijf als geheel. Je kunt als manager niet zeggen dat het bedrijf bepaalde waarden heeft als de meerderheid van de medewerkers het niet uitdraagt.

Hoe krijg ik mijn mensen zover?
Hier zit een interessante en uitdagende ‘adder’ onder het gras van de waardentheorie. Want hoe krijg je die waarden bij de mensen? En hoe krijg je hen zover dat ze deze niet alleen adopteren, maar ook uitdragen?

Je komt dan al snel op de vraag ‘waarom werkt iemand bij ons?’. Daarop zijn veel verschillende antwoorden mogelijk, maar bij veel organisatie zal dat niet zijn vanwege de waarden van het bedrijf. Op deze manier kom je dus niet tot een echt en oprecht waardengedreven organisatie. Hoe dan wel?

Verander je blik
Draai het om. Vraag niet aan de medewerkers ‘waarom werk je hier?’, maar vraag ‘volgens welke waarden leef je?’ of ‘hoe ben jij mens?’. Trek het dus een niveau hoger. Werk is slechts iets wat wij doen. We zijn niet ons werk. We zijn mens. Werk is een onderdeel van hoe wij onze tijd besteden, evenals boodschappen doen, de auto wassen en spelen met de kinderen. Waarden zitten ook op het niveau van ‘zijn’  en niet op het niveau van ‘doen’.

In 3 stappen de waarden van je organisatie bepalen
De waarden van je bedrijf bepalen is simpel:
1)   Vraag aan alle mensen die met en voor je werken hoe ze zijn als mens.
2)   Verzamel die informatie en zoek de verbinding(en).
3)   Hetgeen de meesten verbindt, dat zijn de waarden van je bedrijf.

Voor echte waardenbepaling is dus geen managementvierdaagse nodig of een heidag en ook geen strategische profileringsstuurgroep.

Waarden uitdragen is als ademen: continu en door iedereen.
Het grote voordeel van bovengenoemde 3-stappenmethode om tot waardenbepaling te komen, is dat iedereen zich hierin herkent en om die reden zich gelukkig voelt in zijn werk, bij ‘zijn’/‘jullie’ bedrijf. Het uitdragen van de waarden is dan als uitademen: continu, grotendeels onbewust en via alle poriën (oftewel alle mensen). Het is levensenergie en de basis van ons bestaan.

Halleluja aan de klant!

Het begint epidemische vormen aan te nemen. Wat zeg ik: pandemische vormen krijgt het bijna: de klant als Koning, als Redder van de wereld, als de Weldoener. Halleluja aan de klant. Wat zijn bedrijven en organisaties op dit moment lief voor de klant. Wat luisteren ze goed naar de klant. Als de klant het wil, dan gebeurt het.

Het leesteken ‘punt’ betekent een tel rust voor je verder gaat, zo heb ik geleerd. Mag ik alstublieft een HELE GROTE, DIKKE, VETTE PUNT op dit moment? Kunnen we even stilstaan en ons uit het moeras van oogkleppen, dagwanen en ratraces omhoog trekken?

Klantfocus is bedrog
De klant is net zo min koning, redder en weldoener als voorheen. Sterker nog: ik durf te beweren dat de klant juist NOG MINDER koning, redder, weldoener is dan voorheen. Iedere organisatie, profit en non-profit, die op dit moment in de communicatie inzet op (de wens/behoefte van) de klant, doet dit uit egocentrische overwegingen. Meestal puur om te overleven. En –laat ik dit meteen erbij zeggen- daar is op zichzelf niets mis mee.

Alles op alles om te blijven bestaan
De allereerste en meest wezenlijke behoefte van een organisatie is continuïteit van het bestaan. Als je niet meer bestaat, kun je ook je klant -én daarmee de wereld- niet meer van dienst te zijn. Dus: alles op alles zetten om te blijven bestaan is puur menselijk en verdient waardering zolang het binnen de kaders van fatsoen en respect voor de mens en de aarde blijft. Maar doe dan niet alsof je het voor de klant doet. Doet niet alsof de klant belangrijk is en altijd al was. Doe niet alsof je jouw ziel en zaligheid geeft voor de klant. Kortom: Doe niet alsof. Wees ECHT.

Van de toren naar het stof
Waarom kan een organisatie niet gewoon zeggen: “Klant, juist nu heb ik je hard nodig. Help me. Blijf bij me. Koop bij me.”? Zou dat misschien komen omdat we dit niet durven te vragen? Omdat diep van binnen ons het schaamrood op de kaken staat over hoe we de klant al jaren behandelen.  Van ‘hoog van de toren blazen’ tot ‘diep door het stof kruipen’ is ook wel een hele grote afstand om in korte tijd te overbruggen. En toch moeten velen het nu noodgedwongen doen. Tja, hoe doe je dat?

4-dimensionele organisatie
Een goede start  is om de organisatie te zien in context met de omgeving en vanuit de vier invloeden die iedere organisatie kent: fysiek (basisvoorzieningen; personeel, productiemiddelen, processen), emotioneel (gedrag), mentaal (beleid), spiritueel (ziel, visie, missie). Voor langdurig gezonde organisatie is dat de basis. Noem het maar de vier hoekstenen van je bedrijf, de pilaren waarop je organisatie rust. Alle vier dienen ze even groot te zijn, dezelfde kwaliteit/inhoud te bezitten én dezelfde aandacht te krijgen.

Van betekenis zijn voor anderen
Nelson Mandela zei ooit: “De betekenis van ons leven ligt in het verschil dat we maken in de levens van anderen.” Dat geldt voor mensen én organisaties. Welk verschil maak jij, maakt jouw organisatie, in het leven van anderen? Dàt is je focus. Degenen voor wie jij een verschil maakt, zullen blij met je zijn en trouw aan je zijn. Het zijn die mensen, we noemen ze meestal klanten, die in tijden van nood voor jou het verschil zullen maken tussen voortbestaan of eindigen.

Sorry zeggen
Het is nooit te laat om te leren van je fouten, om ‘sorry’ te zeggen. Vraag jezelf: “waarom doe ik wat ik doe?”, “wat wil ik bereiken?”, “wie wil ik gelukkig maken?”, “waar ben ik extreem goed in en hoe kan ik daarmee anderen van dienst zijn?”

Hoofd, hart en handen
Heb jij op dit moment zo’n relatie met je klanten dat zij jou willen en zullen helpen, gewoon omdat jij het bent? Dan kom je deze roerige tijd prima door. Heb jij op dit moment niet zo’n relatie? Was jij (stiekem of onbewust misschien) toch vooral bezig met je zelf en was de klant een middel om jouw eigen doelen te bereiken? Dan is het afwachten. En lijkt een halleluja aan de klant inderdaad de enige manier om je hoofd boven water te houden.

Terwijl je met je hoofd en je handen gericht bent op buiten en klanten probeert aan te trekken, is het wellicht wijs om eens met je hart naar binnen te kijken. Wie ben je echt? Wat wil je echt? Wat beteken je echt? Als we dat met z’n allen gaan doen, wordt de volgende pandemie er een waar we vrolijk en gelukkig van worden. Halleluja aan ons allemaal!

Betekenismarketing: the sequal

Op de barricaden!!

De klant staat niet centraal bij betekenismarketing. Die uitspraak riep interessante reacties op. Zelfs eerdere blogs van mij werden gebruikt om mij het tegendeel te bewijzen. Hoe snel wij toch op de barricaden gaan als er aan heersende patronen wordt getornd! Dus bij deze: betekenismarketing, the sequal.

 

De klant houdt ons in leven

Waarom vinden wij dat de klant wél centraal zou moeten staan? Omdat zonder klanten geen bedrijf of organisatie blijft bestaan. Dus vinden wij de klant héél belangrijk. Juist daarom is het toch vanzelfsprekend dat wij de klant het beste gunnen én geven? En hoe kunnen wij de klant het beste geven? Door hoe dan ook aan zijn wensen te voldoen, ook als wij niet de geschikte partij zijn? Of door alles eerst te toetsen aan onze eigen kwaliteiten?

 

Het zijn simpele vragen, maar door de ‘gouden tijden’ van de afgelopen jaren hebben we ze misschien iets teveel verwaarloosd. De klant is belangrijk en hoort centraal te staan. En daarom zou iedere organisatie zich iedere keer eerst opnieuw moeten afvragen: zijn wij het beste wat de klant kan overkomen?

 

Blinde vlek: zijn wij wel goed genoeg?

Betekenismarketing legt die blinde vlek bloot. Eerst kijken naar jezelf: wie ben ik?, waar ben ik goed in?, waarin ben ik onderscheidend?. Zodra je dat helder hebt, communiceer je dat eerlijk en open. Juist dan vind je de klanten die jou nodig hebben en zij vinden jou. Je krijgt dan misschien niet de meeste klanten (alhoewel…), je krijgt zeker de juiste klanten.

 

Kotlers 3i-model

Philip Kotler schrijft in zijn boek Marketing 3.0 iets vergelijkbaars. Hij noemt het 3i-model: identiteit, integriteit en imago. Wie ben ik? (identiteit), Hoe handel ik? (integriteit), Hoe kom ik over? (imago). Dat zijn allemaal aspecten van de organisatie en niet van de klant. Maar ze zijn belangrijk om te weten, juist vanuit het idee dat de klant zo belangrijk en waardevol is.

 

Het gaat om de ‘klik’

Betekenismarketing gaat NIET over de klant en ook NIET over jouw organisatie/bedrijf. Het gaat over de verbinding, de ‘klik’, de relatie die jullie samen hebben. Het gaat over maximaal betekenisvol zijn voor elkaar met elkaar.

Pleidooi voor échte marketing

“Marketing is NIET: zo hard mogelijk roepen wat (je denkt dat) de consument horen wil.” Zo, dat is er uit. Bevlogen als ik ben over marketing bedrijven, valt mij steeds meer op wat er allemaal geroepen wordt door bedrijven om maar (meer) klanten te krijgen. En dan heb ik het niet over stokoude, overbekende claims als ‘witter dan wit’.

Waar ik het wel over heb, is dat ik tegenwoordig steeds meer bedrijven een verhaal zie/hoor vertellen dat eigenlijk nietszeggend is of soms domweg niet waar kan zijn. Dat kan toch niet de bedoeling van marketing zijn?

Zijn banken je grote vriend?
“Ik wil geen lokkertje, ik wil altijd een goede spaarrente.” Ja dûh, dat is toch logisch! Kregen we dat voorheen dan niet? Werden we voorheen afgescheept met lokkertjes? Ik heb altijd gevraagd om de laagste spaarrente en de bank heeft altijd gezegd dat ie de laagste had. Was dat dan niet zo?

“Iedereen bankiert op zijn eigen manier.” Altijd al zo geweest, maar toch is jarenlang geprobeerd dat heel erg één kant op te sturen: iedereen moest en zou internetbankieren. Véél veiliger, veel makkelijker, veel goedkoper. En tegelijk sloot het ene na het andere kantoor. En nu vind de bank het opeens prima om de oude overschrijvingsformulieren terug te halen? Vreemd. En komen dan ook de kantoren weer terug voor het persoonlijk contact?

“De bank anno nu.” En dat was voorheen niet zo? Voorheen liep de bank achter? Ging niet met de tijd mee?

Alle supermarkten zijn het goedkoopst.
Het zijn niet alleen de banken die rare manoevres uithalen. Kijk naar de supermarkten: allemaal roepen ze de goedkoopste te zijn, zelfs de duurdere. A) hoe is dat mogelijk? en B) waarom?. De meesten kennen het antwoord op beide vragen, maar toch… waarom de focus op prijs? Oké, in deze tijd let de consument erg op het geld en denkt vooral op boodschappen te kunnen besparen (terwijl die besparing in werkelijkheid minimaal is) en dus is focus daarop voor de hand liggend. Maar als ‘de laagste prijs’ nou niet direct in je (oorspronkelijke!) missie/visie/strategie zit, waarom dan toch daarvoor kiezen? Waarom niet je missie willen uitdragen?

5 punten maken marketing echt
Wat wil ik met deze voorbeelden bereiken? Marketing heeft niet als doel mensen te verleiden om ze te laten doen wat jij wilt. Het gaat bij marketing in de eerste plaats zelfs niet eens om de klant (ja, dit leest u goed: het gaat niet om de klant). Marketing gaat om de relatie tussen u en de (potentiële) klant. En daarvoor zijn vijf zaken nodig:

1)      Weten wie je bent (identiteit, karakter, cultuur, normen&waarden, eigenschappen);
2)      Weten waar je GEWELDIG in bent, waar je gewoon goed in bent en wat je niet kunt;
3)      Op alle mogelijke manieren uitstralen wat bij punt 2 staat, vooral het geweldige deel;
4)      Ontdekken wie er behoefte/verlangen heeft of in de toekomst kan krijgen in dat gene waar jij GEWELDIG in bent of gewoon goed;
5)      Het uitstralen (punt 3) helemaal concentreren op de mensen die je ontdekt hebt bij punt 4.

Met bovenstaande 5 punten vertel ik niets nieuws. Waarom zie ik dit dan nog zo weinig terug? Sterker nog: bij grote organisaties zie ik het nergens meer. Als deze vijf punten al ergens nog worden uitgevoerd, is het bij de kleine middenstander en de zzp-er.

Pleidooi voor terugkeer naar echte marketing
Bij deze een oproep aan alle managers en marketingprofessionals: laten we allemaal, stuk voor stuk, alstublieft weer vanuit deze 5 punten marketing bedrijven. Doe de (crisis)oogkleppen af. Verlos jezelf van de (recessie-gedreven) tunnelvisie. Doe weer aan echte marketing.

Betekenismarketing
Marketing vanuit deze 5 punten is de pure marketing, de oorspronkelijke marketing, de marketing zoals het hoort en ooit bedoeld was. Eigenlijk zou alle marketing deze vorm moeten hebben, maar dat is helaas niet meer zo. Om toch het kaf van het koren te kunnen onderscheiden, noem ik deze pure, echte, oorspronkelijke marketing ‘betekenismarketing’. Immers: het gaat in oorsprong bij de relatie tussen organisatie en (potentiële) klant om de betekenis die je voor elkaar hebt.  “Wat kan ik betekenen voor jou?” zou de eerste vraag moeten zijn die iedere manager/marketingprofessional stelt aan een (potentiële) klant.

Laten we allemaal vanaf 2012 betekenismarketing gaan bedrijven. Echt, oorspronkelijk en gericht op wat we voor elkaar kunnen betekenen.

Eindejaarsoverweging 2011

31 december 2011. De allerlaatste dag van dit (kalender)jaar. In deze blog werp ik mijn eerste en laatste blik achterom om daarna op volle kracht weer vooruit te gaan.

Ingrediënten van 2011
Bij alles wat in 2011 is gebeurd, zie ik drie thema’s steeds weer opnieuw terugkomen: Bewustwording – Transparantie – Verbinding.

Op macro-niveau: de ondergang van Zuid-Europese landen, de nieuwe positie van landen als Brazilië, India, China, het machtsverlies van de Verenigde Staten, het onvermijdelijke einde van de Amerikaanse ‘leven op de pof’-cultuur en het gedrag van Moeder Aarde)

Op meso-niveau: bedrijven en organisaties die ‘back to basic’ willen of moeten en ontdekken dat ze totaal niet meer weten wie/wat/hoe/waar hun ‘basic’ is of er zover van af zijn geraakt dat ze er niet meer bij kunnen op de normale manier.

Op micro-niveau: mensen die en masse individueel ‘wakker worden’ (bewust worden) en zich met elkaar verbinden om zo een enorm sneeuwbal-effect te bereiken, bv. Arabische Lente en Occupy (in de beginperiode).

Het verbond van de Drie-eenheid
In veruit de meeste culturen, stromingen en religies is de drie-eenheid een zeer krachtig verbond. Vader+moeder=Kind (en kind wordt op zijn beurt weer vader of moeder), ‘Vader-Zoon-Heilige Geest’, Drie Musketiers, De Drie Wijzen, These+antithese=synthese, een driepoot is de eerste stabiele vorm, ‘lichaam-geest-ziel’, E=MC2 zijn allemaal voorbeelden van een drie-eenheid op diverse gebieden.

Dat krachtige verbond zie ik ook in deze drie thema’s terug. Het mooie ervan is namelijk dat ze elkaar zo sterk beïnvloeden en dat ze alle drie de andere twee als aandrijfkracht gebruiken. Elk gebruikt de andere twee en levert aan de andere twee. Ze voeden elkaar continu en onophoudelijk. Dat maakt dat deze beweging -eenmaal bezig- geen weg terug kent.

Onomkeerbaar en niet te stuiten
Er komt alleen maar meer en meer. Ergens tussen 2008 en 2011 is deze machine op gang gekomen, maar nu het op alle niveaus steeds zichtbaarder en voelbaarder terugkomt, is het voor iedereen onomkeerbaar en onvermijdelijk. Het is als een sneeuwbal die klein en onschuldig boven in de berg begint, maar die inmiddels zo is gegroeid dat zijn omvang het hele bergdorp in de schaduw legt.

Transformatie
In retroperspectief zou ik 2011 daarom het Beginjaar van de Transformatie willen noemen. De drie thema’s zijn de basisingrediënten voor de wereldwijde verandering waar we voor staan. Dat dit zowel op macro-, meso- en microniveau gebeurt, vind ik opvallend en tegelijk bemoedigend. Alleen zo komen we waar we wezen willen.

Van oud naar nieuw
Onze huidige leef- en denkwijze is ten einde, de ontwikkeling van een nieuwe leef- en denkwijze neemt steeds duidelijkere vormen aan, op alle niveaus. Dat dit deels gedwongen is (veelal op macroniveau) en deels vrijwillig gebeurd (ontwikkeling van individuele spiritualiteit en innerlijke groei), is juist goed. Om vooruit te komen is die samenstelling nodig. Noem het maar een drijvende kracht. Laten we ons daardoor niet van de wijs brengen. Het is het begin van iets groots en moois.

Meer dan een jaarwisseling
Dit Oud&Nieuw is dus meer dan een jaarwisseling. Het is een dimensiewisseling en 2011 was het ‘kick off’-jaar van deze transformatie. Dat betekent roerige tijden die we tegemoet gaan. Veel ontberingen zullen we door moeten, soms alleen, soms met z’n allen. En hoe lang het duurt weten we niet. Maar we weten wel waar we het voor doen, want (ver?) aan de horizon wacht ons een glansrijke, zielsmooie en harmonieuze samenleving. “BUCKLE UP!!! WE’RE GOING IN!”

Allen een gelukkig, voorspoedig en behouden 2012 gewenst.

Kerstblog: het licht van de wereld… ben jij!

Ieder jaar zo vanaf november, verheug ik me weer op de donkere dagen. Want zodra de duisternis vroeg begint te vallen, verschijnen er overal lichtjes. De winkelstraten zijn meestal de eersten die sierlijk verlicht worden, al snel gevolgd door de winkels zelf. En zodra december een week oud is, verschijnt het in alle tuinen en huizen. En het lijkt wel of het ieder jaar grootser, mooier en creatiever wordt.

Lichtexplosie
Wat ooit heel simpel begon als een paar kaarsjes in een dennenboom, is nu uitgegroeid tot compleet verlichtte huizen en tuinen. Lichtslangen, ijspegels, lichtwatervallen, sterrengordijnen, twinkelverlichting, verlichtte kransen en dennentakslingers en tegenwoordig steeds vaker: LED-verlichtte herten, pinguïns en (ijs)beren.

Licht zijn
Dit is een heel tastbare, fysieke en duidelijk zichtbare vorm van licht dat het duister verdrijft. Daarnaast is er die minder zichtbare, minder fysieke vorm van licht: het licht dat jij als mens zelf bent. En dat is in de kern waar het met Kerst omgaat.

‘Licht zijn’ klinkt voor veel mensen hoogdravend, vroom en vooral ‘moeilijk’. Sommigen denken direct aan Jezus die als ‘het Licht van de wereld’ ter aarde kwam (inderdaad: op Eerste Kerstdag) en aan Jezus valt niet te tippen. Toch is het tegendeel waar: het is juist heel eenvoudig om als mens licht te zijn.

Aandacht is licht
Je kunt zelf heel goed het licht van iemands wereld zijn. Gewoon door aandacht te geven aan mensen die in duisternis leven, door oprecht naar mensen te luisteren, door je hart open te stellen voor anderen, even stil te staan bij hun leven, hun ziel en zaligheid. Oprechte aandacht is de meest dankbare en waardevolle vorm van liefde die er bestaat. En het mooiste is, dat er altijd een manier is die bij jou past. Iedereen is anders namelijk. Helemaal afhankelijk van wat het beste bij jou past, kun je onder andere aandacht geven door: een goed gesprek, een knuffel, een cadeautje, een klusje of gewoon door in stilte bij iemand te zijn.

Licht terug
Met oprechte aandacht, breng je een waar licht in iemands duisternis. Je ziet het ook in de reactie van die ander. Hij of zij straalt meer, (glim)lacht meer of vindt meer rust. Probeer het maar eens uit. Geef aandacht aan iemand die het moeilijk heeft en kijk naar diens reactie. De komende dagen is een mooie tijd om het uit te proberen.

Samen (het licht van) de wereld
Vandaag, 25 december, vieren we de geboorte van Jezus van Nazareth, de Christus. Voor velen is Hij het licht van de wereld. Maar waarom zou hij de enige zijn? Wees ook een licht, doorbreek iemands duisternis, en begin vandaag. Want vandaag is de geboorte van het licht. Zijn licht, jouw licht, een ieders licht. De wereld wacht niet alleen op Hem, de wereld wacht op ons.

Vrije wil of voorbestemming?

Doordat ik soms vrij uitgesproken meningen heb en die ook graag vrij uitspreek, beland ik geregeld in interessante gesprekken. Een van de onderwerpen waar ik graag over (mee)praat is ‘Vrije wil versus Voorbestemming’.

Doel en bedoeling
Ik zie het zo: ik geloof oprecht dat iedereen het leven leidt dat voor hem/haar bestemd is. We zijn in dit leven om bepaalde dingen te leren, aspecten van onszelf te ontwikkelen. Ik zeg niet dat dit leren in ons leven een doel is. Ik zeg wel dat het in ieders leven de bedoeling is om te leren. Dat is een groot verschil.

De beperking van de vrije wil
Wat een ieder te leren heeft, is al voor zijn/haar geboorte vastgelegd (voorbestemming). Onze eigen wil is in deze kwestie beperkt van toepassing. Het is eigenlijk hetzelfde als bij een kind dat naar school gaat. De eigen wil van een kind heeft rondom het naar school gaan maar een beperkte rol of regelcapaciteit. Het kind kan bepalen hoe veel plezier het maakt op school, hoe hard het leert, hoe serieus het is en hoe het zich gedraagt tegenover medeleerlingen, leerkrachten en ouders. Het kind kan niet bepalen óf het naar school gaat en naar welke school het gaat (tenminste niet t.a.v. basisonderwijs en deels niet t.a.v. voortgezet onderwijs).

De ruimte van de vrije wil
Hetzelfde geldt qua persoonlijke groei voor alle mensen in hun leven. Dus ook voor jou en mij. Eigenlijk is het hele leven een grote schoolgang. En jij bepaalt zelf hoe jij je schoolperiode doorloopt. Hoe graag wil je leren? Hoe gedraag jij je tegenover de mensen die je tijdens het leren tegenkomt? Hoeveel plezier wil je hebben ‘op school’? Houd je het plezier vast als het even niet gaat zoals jij wilt? Je kunt het allemaal zelf bepalen.

Het is zoals het is
Net als op een ‘echte’ school (interessant onderwerp voor een andere blog: ‘wat is echt?’), is dat wat je te leren hebt soms makkelijk en soms moeilijk. Soms moet je het helemaal alleen doen, soms met anderen. Soms lukt het niet in een keer en moet je het over doen (en zoals ik uit eigen ervaring weet –en jij vast ook- soms moet je het wel vaker dan 1x overdoen voor je het hebt geleerd).

Diploma
En dan is daar het gevoel dat je een deel van je leven hebt afgesloten. Bijvoorbeeld het moment dat je het ouderlijk huis gaat verlaten, dat je gaat trouwen of juist gaat scheiden, dat je gaat werken of er juist mee stopt, dat je ernstig ziek wordt of juist weer beter. Hoe dan ook: je maakt iets mee in je leven dat zo’n impact heeft dat je het leven anders gaat bekijken. Je bent als het ware ‘klaar’ met een deel van je leven. Ik zie het dan als volgt: je hebt je school helemaal doorlopen. Je bent geslaagd en met een diploma in je hand trek je de deur voorgoed achter je dicht.

Een nieuwe school
En zoals dat gaat… na de ene school, komt de volgende. Waar je een deel van het leven hebt afgesloten, begint tegelijk een nieuw deel. Een nieuwe school, nieuwe opleiding, nieuwe cultuur, nieuwe omgeving, nieuwe regels, nieuwe mensen en bovenal nieuwe lesstof. En net als bij een ‘echte’ school is het begin vaak vreemd en moeilijk. Veel is anders dan je gewend bent en al het nieuws vraagt veel van je aanpassings- en acceptatievermogen. Misschien is de nieuwe opleiding wel enorm moeilijk en moet je jarenlang buffelen. Je vraagt je dan misschien af ‘waarvoor doe ik het allemaal?’

Waar vrije wil en voorbestemming samen gaan
Mijn huidige levensschool is een pittige. De laatste paar jaren leer ik ontzettend veel, maar het kost me wel veel pijn en moeite. En het komt nog al eens voor dat ik echt niet snap wat de zin is van bepaalde (levens)lessen. Het is wat dat betreft precies als vroeger op de ‘echte’ school. Wel weet ik dat het eindresultaat van mijn opleiding zal zijn dat ik zo dichter bij het doel kom dat ik (ziels)graag wil bereiken. Dat heeft de ervaring vanuit de ‘echte’ school mij wel geleerd. Maar dan moet ik wel mijn best doen. En dat kan ik zelf bepalen. Hoe meer ik uit vrije wil mijn best zal doen, des te makkelijker zal ik mijn (voor)bestemming bereiken. Het is dus niet ‘vrije wil tégen voorbestemming’; de waarheid zit in ‘vrije wil mét voorbestemming’.

Occupy een nieuwe visie

De wereldwijde Occupy-acties laten weer zien dat steeds meer mensen een verandering van het (economische) systeem dringend noodzakelijk vinden. Mensen die mijn blogs vaker lezen, weten dat ik een groot voorstander ben van een andere kijk op de wereld en onze rol erin.

 

Het is inderdaad écht tijd voor verandering. Niet alleen bij de grote bedrijven, maar bij ons allemaal. We zijn allen onderdeel van dezelfde op ‘steeds meer’ beluste maatschappij en ieder voor zich heeft daarin een eigen verantwoordelijkheid. Maar bedrijven kunnen door innovaties en andere verdienmodellen wel een grote invloed nemen en een sneeuwbaleffect realiseren.

 

Paradigma-shift

In dat kader wil ik graag Michael Porters ‘rethinking kapitalism’ weer onder de aandacht brengen. Porter geeft aan dat een groot deel van het huidige probleem wordt gevormd doordat bedrijven nog steeds gevangen zitten in een verouderde aanpak van waardecreatie die is ontstaan in de afgelopen decennia. Zij richten zich op het optimaliseren van de korte-termijn financiële prestaties in een zeepbel terwijl de belangrijkste behoeften van de klant ontbreekt en ze de bredere invloeden negeren die hun langere termijn succes bepalen.

 

Commercieel belang verbinden met maatschappelijk belang

Bedrijven doen er goed aan het voortouw te nemen bij het opnieuw verbinden van zakendoen en maatschappelijk belang. De erkenning is er al wel onder geavanceerde bedrijven en doordachte leiders. Ook zijn er veelbelovende elementen van een nieuw model in opkomst. Wat volgens Porter ontbreekt is een algemeen kader voor de begeleiding van deze inspanningen. De meeste bedrijven blijven steken in een “sociale verantwoordelijkheid” mind-set waarin maatschappelijke vraagstukken aan de rand een rol spelen en niet in de kern van hun organisatie.

 

Gedeelde waarden (shared values)

Volgens Porter ligt de oplossing in het beginsel van gedeelde waarde: het creëren van economische waarde op een manier die ook waarde voor de samenleving creëert. Ondernemingen moeten opnieuw de verbinding maken tussen het succes van het bedrijf en sociale vooruitgang.

 

Gedeelde waarde is niet sociale verantwoordelijkheid, filantropie, of zelfs duurzaamheid, maar een nieuwe manier om economisch succes te bereiken. Het is wat we in Nederland ‘de betekeniseconomie’ noemen: bij iedere beslissing of keuze niet alleen kijken naar wat het betekent voor jezelf en voor de korte termijn, maar ook wat het betekent voor anderen en voor de lange termijn. Geen van de vier mag (te veel) lijden onder de ander.

 

Transformatie van leiderschap

Op dit moment is onze erkenning van de transformatieve kracht van gedeelde waarde nog steeds in een beginstadium. Wat nodig zal zijn is dat leiders en managers voor de ontwikkeling van nieuwe vaardigheden en kennis zich zaken gaan realiseren als een veel diepere appreciatie van de maatschappelijke behoeften, een beter begrip van de echte fundamenten van de productiviteit van een bedrijf en de mogelijkheid om samen te werken over de grenzen van de winst/non-profit. En regering moet leren hoe te reguleren op manieren die het inschakelen van gedeelde waarde stimuleert in plaats van ze werken tegen.

 

Winstgedrevenheid, maar dan anders

Ook Porter constateert, net al vele anderen, dat te veel bedrijven de meest fundamentele vragen uit het oog hebben verloren: Is ons product goed voor onze klanten? Of voor de klanten van onze klant? Persoonlijk voeg ik daar graag nog de aarde/maatschappij aan toe. Is ons product ten gunste van de aarde/maatschappij?

 

Dat het de goede kant op gaat, blijkt uit aansprekende voorbeelden: voedselbedrijven die traditioneel gericht zijn op meer en meer consumptie, richten zich nu op de fundamentele noodzaak voor betere voeding. Intel en IBM werken beide aan mogelijkheden om via digitale intelligentie te bezuinigen op energieverbruik. Uit deze en veel meer andere initiatieven blijkt dat bedrijven prima in staat zijn tot innovatie, als zij menen daardoor groei (winst) te realiseren of hun voortbestaan kunnen verzekeren.

 

Maatschappij wint bij commerciële drijfveer

Winst voor het bedrijf betekent in deze vorm ook winst voor de maatschappij. De winst voor de maatschappij als geheel is groter, omdat bedrijven vaak veel effectiever dan regeringen en non-profit organisaties zijn om via marketing klanten te motiveren de producten en diensten te omarmen die maatschappelijke voordelen, zoals gezonder voedsel of milieuvriendelijke producten maken.

 

Gedeelde waarde bedrijven richt zich in ‘het nieuwe kapitalisme’ op de juiste soort winsten — winsten die maatschappelijke voordelen maken in plaats van hen te verminderen.