Tagarchief: acceptatie

Durf te lijden

In het kader van #durftelijden, een initiatief van Kees Klomp (@karmakees), mijn bijdrage over dit thema.

Iedere voorkant heeft vanzelfsprekend een achterkant. Dat kan eenvoudigweg niet anders. Anders gezegd: alles heeft zijn eigen tegenstelling en kan alleen daardoor bestaan. Hoe weet je wat warm is, als je geen koud kent? Hoe herken je licht als je niet weet wat duister is?

De ontkenning van de achterkant
Het lot van de achterkant is dat het vaak ontkend wordt. Meestal simpelweg omdat het letterlijk niet gezien wordt. Maar soms ook omdat we het niet wíllen zien. Dat laatste geldt bijvoorbeeld wanneer het ons gevoel betreft.

Ook ons gevoelsleven kent namelijk zulke tegenstellingen. Immers: ALLES heeft een voor- en achterkant. Bij ons gevoel gaat het dan bijvoorbeeld over vreugde&verdriet, euforie&woede, manisch&depressief, liefde&haat.

Wij willen maar al te graag onze gevoelens van verdriet, woede, depressie en haat ontkennen, omdat het ons lijden brengt. Ze doen pijn. En: pijn is niet fijn. Maar door deze gevoelens te ontkennen, ontkennen we het bestaan van de achterkant en daarmee brengen we de voorkant uit zijn evenwicht.

Oneindige spiraal
Met andere woorden: ontkenning van lijden brengt ons als geheel uit balans. Dat op zichzelf brengt weer meer lijden met zich mee en zo zitten we in een oneindige spiraal. De enige manier om als mens in balans te komen, is door het lijden op dezelfde manier te accepteren – ja, zelfs te omarmen- als we doen met vreugde, blijdschap, geluk en liefde.

Hoe meer we het lijden ontkennen, des te meer we zullen lijden. Misschien niet nu, maar dan later. Ook hiervoor geldt een simpel principe: als het niet weg is, is het er nog. Ontkenning van het lijden laat het niet verdwijnen. Net zomin als de ogen sluiten ook de wereld niet laat verdwijnen. Je ziet het alleen even niet.

Achterkant wordt voorkant
Als je de pijn die je voelt doorleeft, écht doorleeft, dan zul je een bijzondere ervaring meemaken: het lijden wordt de voorkant. Niets is op dat moment zichtbaarder, voelbaarder, tastbaarder dan het lijden. Alsof de B-kant van een singletje opeens de A-kant wordt. Het mooie van zo’n ervaring is dat deze voorkant ook een achterkant heeft. Vreugde, liefde, geluk zal de tegenhanger zijn van jouw lijden. Zoals een beangstigende achterkant angstig maakt, zo maakt een vreugdevolle achterkant blij. Dat loutert enbmaakt het lijden draagbaar.

Lijden heelt
Nooit zal ik de uitspraak van een docent vergeten als ik bij readings angstaanjagende beelden tegen kwam. Ze zei altijd: “Rob, draai het om. Kijk naar de achterkant.” En wanneer ik dat deed, kwam altijd een liefdevol beeld te voorschijn. En hoe vreselijker, huiveringwekkender het beeld was, des te liefdevoller, mooier, gelukzaliger de achterkant. Met die wetenschap durfde én durf ik alle angstwekkende beelden aan.

Kortom: durf te lijden, het heelt je.

Acceptatie of tevredenheid?

Als je je verdiept in de diverse religies en spirituele stromingen, merk je hoeveel overeenkomsten er eigenlijk zijn. Wat dat betreft is het verbazingwekkend dat er zoveel oorlog, ruzie en andere conflicten zijn hieromtrent. Zo ben ik een overtuigd en belijdend christen, maar heb ik de werkelijke, diepere betekenis van Jezus als het Licht van de wereld pas begrepen toen ik bij een niet-religieuze cursus spiritualiteit een heel andere benadering kreeg te horen over ‘het Licht’.

Wat je in iedere stroming tegenkomt is het begrip ‘acceptatie’. Een mens is pas werkelijk verlost als hij in volledige acceptatie leeft. Dat klinkt heel mooi, maar wat betekent dat eigenlijk? Wat kunnen we ermee? Laat ik het eens op mezelf betrekken. Wat betekent het voor mij dat ik in volledige acceptatie leef? Dat betekent bijvoorbeeld dat ik accepteer dat ik een halve baan heb i.p.v. een hele (waar ik al bijna een jaar naar zoek). Dat betekent dat ik accepteer dat ik ongewenst en onverwacht geen auto meer heb. Dat betekent dat ik accepteer dat mijn dochter maar de helft van de week bij mij is. Maar het gaat verder dan ‘hebben’. Het gaat ook over ‘zijn’. Het betekent namelijk ook dat ik accepteer dat ik vaak erg ongeduldig ben, dat ik eigenzinnig ben en dat ik stiekem toch vaak een oordeel over mensen heb, terwijl ik weet en vind dat zoiets niet hoort.

Als je dit zo leest, zou je denken dat acceptatie betekent dat je tevreden bent met wat je hebt en wie je bent, ook als dat iets is wat je niet wilt. Dat is ook wat je vaak van anderen hoort en wat je leest. Toch ben ik het daar niet mee eens. Lees de volgende zinnen maar eens en laat ze goed tot je door dringen:

“Ik accepteer wie ik ben.”
“Ik ben tevreden met mezelf.”

Als ik die twee zinnen lees, dan voel ik echt een verschil. Het eerste voelt als inspanning, alsof ik mijn best ergens voor moet doen. Het tweede voelt heel natuurlijk aan. Bij het eerste ben ik me bewust van het ‘niet-willen’ en bij het tweede niet. Voor mij is acceptatie dan ook niet hetzelfde als tevredenheid. Acceptatie is een tussenstation op weg naar tevredenheid. Als ik tevreden ben, heb ik bereikt wat ik wil.

Dat zou dus betekenen dat als ik nog niet bereikt heb wat ik wil, ik niet tevreden ben. En dat is dus niet zo. Ik ben wél tevreden met de huidige situatie omdat ik weet dat dit niet het eindpunt is. Volgens mij is dat acceptatie. Acceptatie is in het nu tevreden zijn met het nu terwijl ik onderweg bent naar…

En als ik dan dat doel heb bereikt? Dan voel ik voldoening, ook een vorm van tevredenheid, maar toch van een andere orde. Dus: onderweg naar voldoening, leef ik in acceptatie. En zo ben ik eigenlijk constant tevreden. Kijk, van dat besef krijg ik nou een gevoel van voldoening.