Tagarchief: groei

De balans tussen goed en slecht

“Hoe gaat het?”
–“Ja, goed. Lekker vakantie, mooi weer, dochter geslaagd voor haar examen, nog een meevaller van de Belastingdienst gehad. Toppie!”
“En met je broer?”
– “Niet zo best, helaas. Zijn huis is nog steeds niet verkocht en vorige week is hij na een ernstige val in het ziekenhuis terecht gekomen.”

De begrippen “goed” en “slecht” zijn voor iedereen bekend. En we kunnen meestal ook heel makkelijk aangeven wanneer het goed met ons gaat of juist slecht (of iets er tussen in). Maar is het eigenlijk wel zo simpel?

Ik moet vaak denken aan een Oosters verhaaltje hierover. Kort weergegeven gaat dat als volgt:
“Door een mislukte oogst kunnen een boer en zijn zoon nog maar nauwelijks financieel rondkomen. Wat slecht, zeiden de mensen. Toen vond de zoon een paard waarvan de eigenaar onvindbaar was. In die tijd was het bezit van een paard een rijkdom en de mensen waren blij voor hen. Wat goed, zeiden de mensen. Het werk zou nu veel sneller gaan waardoor ze meer konden verdienen. Maar niet lang daarna viel de zoon van het paard en brak zijn been. Wat slecht, zeiden de mensen. Toen brak er oorlog uit en alle weerbare mannen werden opgeroepen. De kreupele zoon werd niet opgeroepen. Wat goed, zeiden de mensen.”

Iets dat goed lijkt, kan dus slecht uitpakken en andersom. Je denkt er goed aan te doen te investeren in vastgoed, maar dan stort de vastgoedmarkt in. Je blijft tegen beter weten in die ene ochtend langer in bed liggen, mist de trein waardoor je te laat op het werk komt voor die belangrijke bespreking, maar ontmoet wachtend op het perron de vrouw van je dromen. Kun jij nu nog zeggen wat er goed was en wat slecht?

Wat misschien wel interessant is om eens bij jezelf na te gaan: van welke momenten in je leven heb jij het meest geleerd? De momenten dat alles gewoon goed ging? Of de momenten dat het je allemaal wat tegen zat en je moeite moest doen om vooruit te komen?

Eigenlijk heeft ieder moment en iedere situatie een goede en een slechte kant. Als alles in je leven op rolletjes loopt, is dat van de ene kant bekeken goed. Maar van de andere kant bekeken: je gaat achteroverleunen, wordt er lui van, hebt je geen uitdaging meer en je verliest iedere motivatie. Dat is niet zo best. En wanneer je in je leven in een diep dal raakt, voelt dat waarschijnlijk heel slecht. Maar aan de andere kant: nu leer je doorzetten, je leert omgaan met moeilijke situaties, je leert dingen vanuit andere perspectieven te zien en zeer waarschijnlijk leer je jezelf een stuk beter kennen. Je ontdekt dat je sterker bent dan je dacht en tot veel meer in staat dan je voor mogelijk hield. Dat is geweldig!

Als je op die manier naar je eigen leven kijkt, zul je zien dat de zogenaamde ‘goede’ momenten en situaties je de kans geven even stil te staan en de zogenaamde ‘slechte’ momenten en situaties je in beweging zetten en je de kans geven je te ontwikkelen. En inderdaad… sommige mensen hebben beduidend meer ‘goede’ tijden dan anderen. Zo is het leven. Maar wie is daarbij dan beter af? Degene die stil staat of degene die zich continu ontwikkelt?

O ja, en over die man aan het begin van dit stukje: plots opkomend noodweer verwoestte zijn caravan, zijn dochter bleek het examen gekocht te hebben van een Ibn Ghaldounleerling en de meevaller van de Belastingdienst bleek voor zijn broer te zijn die daardoor toch in zijn huis kon blijven wonen, samen met zijn grote nieuwe liefde, te weten de verpleegster die hem in het ziekenhuis verzorgde. Het kan verkeren.

Echtheid=hechtheid

Actieve aanpak crisis uitgesteld
21 april 2012: het Catshuisoverleg is geklapt. Actieve aanpak van de crisis wordt dus (wéér) uitgesteld. En iedere verdere uitstel betekent meer bedrijven die in de problemen komen of ten onder gaan. Beoogde plannen zoals een verhoging van de BTW en een grondslagverbreding IB/VPB maken het er voor bedrijven alleen maar moeilijker op. Hoe overleeft ú de komende jaren?

Hoe overleef ik?
Laat ik eerlijk zijn, want dat bent u van mij gewend: Het antwoord op die vraag ligt eerder in uw verleden dan in uw toekomst. Een simpel voorbeeld uit uw eigen ervaring helpt wellicht om dit duidelijk te maken. Kijk eens naar uzelf, naar uw eigen situatie. Kijk naar uzelf als koper. Het maakt niet uit of dat als consument is of als zakelijke klant. Kijk naar uzelf als koper en beantwoord de volgende vraag: welke leveranciers blijft u trouw? Wie mogen op uw klandizie gaan of blijven rekenen?

Hoogstwaarschijnlijk is uw antwoord: bedrijven die dicht bij mij staan, waarmee ik een (h)echte band heb.

(H)echte relaties
Kijk nu eens naar uw eigen organisatie en kijk daarbij door de buitenste laag heen. Haal het bladgoud van uw gevel en kijk naar uw bedrijf. Met hoeveel klanten heeft u net zo’n (h)echte band als u als klant heeft met de bedrijven in uw eigen voorbeeld? En met hoeveel klanten zou u zo’n (h)echte band willen hebben? En waarom heeft u niet met al die bedrijven zo’n (h)echte band?

Droevig
Het meest droeve dat ik in deze tijd zie gebeuren, is dat allerlei organisaties NU –op dit moment- die (h)echte band proberen te realiseren met hun klanten. Maar dat is dus het meest foute wat een bedrijf kan doen. Want die band is dus niet écht, omdat het vanuit een verkeerde intentie gebeurt. Het gebeurt dan vanuit angst; angst om de klant te verliezen, angst om failliet te gaan, angst om grote afschrijvingen te moet doen op voorraad, etc. Als een organisatie er heel veel moeite in stopt wordt het misschien wel (even) een hechte band, maar nooit een échte. Een echte band begint vanuit edele motieven, gericht op het welzijn van de klant. Dat voelt/proeft/ziet de klant en reageert daar met goede intentie op en zo wordt een echte band een hechte band.

Té laat voor klantbehoud
De moeilijk tijden waar we nu in zitten, zijn niet het moment om kost wat kost zoveel mogelijk opdrachten en klanten te behouden. Daarvoor is het écht al véél te laat. Serieus, neemt u dat maar van mij aan: voor het behoud van klanten is het vijf óver twaalf. Of ze blijven of gaan bepalen ze in deze moeilijke tijden helemaal zelf, soms ook op hun beurt gedwongen door omstandigheden. Hoe dan ook: het ligt buiten uw macht.

Wat moet ik dan doen?
Waarvoor is dit dan wél de juiste tijd? De huidige tijd is hét moment om naar u zelf te kijken. Waarom bent u niet zo (h)echt naar uw klanten als u eigenlijk wilt zijn? Als u daar nu de antwoorden op vindt en na de ergste storm nog overeind staat, dan heeft u het best denkbare fundament voor alle mogelijke situaties in de toekomst: 1) u kent en bent uw organisatie écht en 2) uw klanten belonen uw echtheid met hun hechtheid. En dát is marketing in zijn pure essentie: uw echtheid wordt hun hechtheid.

Waarom doe jij wat je doet?

Allemaal onzin
“Allemaal onzin, dat gedoe van betekenisdenken, maatschappelijke verantwoordelijkheid, liefdevolle organisaties. Er moet gewoon geld verdiend worden. Niet meer, niet minder.” Zo begon de man links van me het gesprek. Ik vroeg: “Waarom dan?” “Gewoon”, zei hij, “gewoon, omdat het nu eenmaal zo is.” En ik weer: “Ja maar, waarom is het dan zo?” Ik voelde me net een kleuter van 4 die in de ‘waarom’- fase zit. Ongeduldig kreeg ik als antwoord: “Zo werkt de economie. Als je maar genoeg geld verdient, maak je winst en als je winst maakt, kun je doorgaan.”

Ben jij onmisbaar?
De man keek oprecht verbaasd dat ik die simpele logica nog niet door had. Wat deed zo’n naïef iemand als ik op deze hoogstaande bijeenkomst. “En is dat belangrijk, doorgaan?”, vroeg ik. “Duuh”, was het enige dat hij kon uitbrengen. “Waarom?” vroeg ik in oprechte interesse. “Hoezo waarom?” Hij keek me oprecht onbegrijpend aan. “Nou, waarom is doorgaan belangrijk?”, herhaalde ik. De man nam zijn glas wat steviger in zijn hand en zei aarzelend: “Ik begrijp je vraag niet.” Ik: “Zo moeilijk is ‘ie niet: waarom is het zo belangrijk dat jouw bedrijf doorgaat? Doe jij iets onmisbaars? Gaat de wereld ten onder als jouw bedrijf stopt?” “Rob, doe niet zo idioot”, zei de man en daaruit bleek hoe slecht hij me kende, “Wie doet nou iets onmisbaars?” “Ik moet doorgaan, om meer geld te verdienen.” “Dus je moet geld verdienen om door te gaan en doorgaan om geld te verdienen?” Van deze redenatie was de man zichtbaar in de war. Hij schudde zijn hoofd een keer en keek mij indringend aan. “Wat is het nu precies dat je wilt weten?” vroeg hij uiteindelijk heel langzaam. “Waarom doe jij wat je doet?” vroeg ik hem net zo langzaam.

Drie niveaus van bestaan
Die laatste vraag heb ik in mijn leven al zo vaak gesteld aan mensen dat ‘ie grijs begint te worden. Al vele jaren voordat ik identiteitsmarketeer werd en zelfs al voordat ik communicatie als vakgebied koos, confronteerde ik mensen met hun keuzes. Waarom doe jij wat je doet? Het ging dan niet alleen over werk. Vaak ging het ook over keuzes in relaties, studie en persoonlijke ontwikkeling. Maar in dit stukje gaat het wel over werk. Waarom doe jíj wat je doet? Ja, jij! Jij, die nu dit stukje leest.

Volgens psychologen als Maslow, Richard Barrett en Kaj Morel zijn er diverse niveaus voor het antwoord op deze waarom-vraag. Meest recent is de driedeling van Morel: Aan de basis staan antwoorden als ‘een mens moet toch leven?’(niveau ‘baan’), daarboven ‘omdat ik er goed in ben’ (niveau ‘carriere’) en helemaal bovenin staan antwoorden als ‘ik wil verschil maken’ en ‘ik wil de wereld een beetje beter maken’ (niveau ‘missie’). De laatste tijd hoor ik antwoorden van dat laatste niveau weer vaker voorbij komen. En ik zie in interviews leiders uit politiek en bedrijfsleven gedrag vertonen dat hier ook op aansluit. Daar word ik blij van.

Betekenisvol leven
Mensen willen weer van betekenis zijn voor anderen, willen anderen gelukkig maken. En jij? Weet jij eigenlijk al waarom jij doet wat jij doet? En als het antwoord in het hoogste niveau past, hoe heb je dat dan concreet gemaakt? Hoe maak jij verschil? Voor wie ben jij betekenisvol? Hoe wordt door jou de wereld een stukje mooier? Deel met mij jullie ervaringen. Laten we een verzameling maken van ‘best meaningful practices’. Als er dan weer iemand naar mij toekomt met de opmerking ‘allemaal onzin’, dan geef ik hem gewoon dat verzamelboek. Lijkt mij heel betekenisvol.

Verdwalen

Waar ik altijd heerlijk van kan genieten is het lopen door een doolhof. Het fenomeen op zich is natuurlijk al heel bijzonder: je gaat een pad op waarvan je vooraf al weet dat je gegarandeerd zult verdwalen. Hoe bizar. Pas nadat je meerdere malen bent verdwaald, kom je uit het bij middelpunt, de kern. En zowel tijdens het zoeken als het vinden, geniet je.

 

Op zoek naar de kern

Omdat ik een doolhof zo leuk vind, wil ik altijd alle weggetjes, obstakels, blokkades en afsluitingen meemaken. Dat creëert een ander soort energie en een ander soort plezier. Ik merkte dat vooral toen ik laatst met mijn dochter door een doolhof liep. Zij was oprecht op zoek naar het middelpunt, terwijl ik alle richtingen wilde ontdekken. “Pappa, je doet niet leuk mee!”, kreeg ik toen te horen. Verdwalen is voor kinderen een spelletje.

 

Leerzaam spel voor later

Verdwalen is een spelletje voor kinderen. Een heel leerzaam spelletje. Het leert kinderen dat je soms wél weet dat het goed komt, maar dat je niet weet wanneer, wie je tegenkomt en wat je onderweg meemaakt. En daar heb je later in je leven veel aan.

 

Organisaties zonder te weten in doolhof

Ook veel organisaties en ondernemingen zijn verdwaald. Daar heb ik al eens eerder over geschreven. Er zijn in vergelijking met het doolhof echter twee belangrijke verschillen: 1) vaak weten mensen in organisaties niet eens dat verdwaald zijn, waardoor oprechte verbazing ontstaat bij een doodlopende weg en 2) als ze het wél weten vinden ze het niet leuk.

 

Hoe kom je als organisatie nu te weten of je verdwaald bent (punt 1)? En als je dat weet, hoe zorg je dan dat je het leuk vindt om bij de kern uit te komen (punt 2)?

 

Hoe weet je of jouw organisatie verdwaald is?

Belangrijk bij weten of je verdwaald bent, is: even stilstaan, tot rust komen en daarna oriënteren. Nu denken allerlei mensen dat stilstaan en tot rust komen hetzelfde is. Dus niet. ‘Stil staan’ = even niets doen. ‘Tot rust komen’ = bewust zijn van niets doen en dat als nuttig en zinvol ervaren.

 

Vanuit die ervaring kijk je om je heen. Met welk doel ben je ooit begonnen? Wat was toen de kern van je organisatie? En hoe is het nu? Welk doel heb je nu? Wat is nu de kern van je organisatie? Zit er een natuurlijke ontwikkeling in? Zijn de drijfveren nog even authentiek en aanwezig als toen? Na het beantwoorden van deze vragen, voel je zelf wel aan of jouw organisatie verdwaald is of niet. Luister naar je hart.

 

Met plezier op zoek naar je kern

Hoe zorg je dat je het leuk vindt om bij de kern (terug) te komen? Simpel: herinner hoe het was om door een doolhof te dwalen. Dus: 1) Wees heel zeker over wat/waar de kern is. Heb dit altijd in je vizier. 2) Geniet van elk moment van de (zoek)tocht naar de kern. Alles wat je meemaakt, helpt je de kern beter te vinden en te begrijpen.

 

Als je op een blokkade stuit, wees niet gefrustreerd. Het is een waardevolle ervaring die jou of je organisatie doet groeien. We leren vaak meer van de dingen die we eerst fout doen, dan van de dingen die we direct goed doen.

 

Je wéét dat het goed komt

En wat al het allemaal te lang duurt, te langzaam gaat, te weinig voortgang heeft? Herinner dan de les die je als kind bij je echte doolhoven leerde: je weet wel dat het goed komt, je weet alleen niet wanneer, wie je tegenkomt en wat je onderweg meemaakt. Focus en houd moed! Dan komt het zeker goed.

Acceptatie of tevredenheid?

Als je je verdiept in de diverse religies en spirituele stromingen, merk je hoeveel overeenkomsten er eigenlijk zijn. Wat dat betreft is het verbazingwekkend dat er zoveel oorlog, ruzie en andere conflicten zijn hieromtrent. Zo ben ik een overtuigd en belijdend christen, maar heb ik de werkelijke, diepere betekenis van Jezus als het Licht van de wereld pas begrepen toen ik bij een niet-religieuze cursus spiritualiteit een heel andere benadering kreeg te horen over ‘het Licht’.

Wat je in iedere stroming tegenkomt is het begrip ‘acceptatie’. Een mens is pas werkelijk verlost als hij in volledige acceptatie leeft. Dat klinkt heel mooi, maar wat betekent dat eigenlijk? Wat kunnen we ermee? Laat ik het eens op mezelf betrekken. Wat betekent het voor mij dat ik in volledige acceptatie leef? Dat betekent bijvoorbeeld dat ik accepteer dat ik een halve baan heb i.p.v. een hele (waar ik al bijna een jaar naar zoek). Dat betekent dat ik accepteer dat ik ongewenst en onverwacht geen auto meer heb. Dat betekent dat ik accepteer dat mijn dochter maar de helft van de week bij mij is. Maar het gaat verder dan ‘hebben’. Het gaat ook over ‘zijn’. Het betekent namelijk ook dat ik accepteer dat ik vaak erg ongeduldig ben, dat ik eigenzinnig ben en dat ik stiekem toch vaak een oordeel over mensen heb, terwijl ik weet en vind dat zoiets niet hoort.

Als je dit zo leest, zou je denken dat acceptatie betekent dat je tevreden bent met wat je hebt en wie je bent, ook als dat iets is wat je niet wilt. Dat is ook wat je vaak van anderen hoort en wat je leest. Toch ben ik het daar niet mee eens. Lees de volgende zinnen maar eens en laat ze goed tot je door dringen:

“Ik accepteer wie ik ben.”
“Ik ben tevreden met mezelf.”

Als ik die twee zinnen lees, dan voel ik echt een verschil. Het eerste voelt als inspanning, alsof ik mijn best ergens voor moet doen. Het tweede voelt heel natuurlijk aan. Bij het eerste ben ik me bewust van het ‘niet-willen’ en bij het tweede niet. Voor mij is acceptatie dan ook niet hetzelfde als tevredenheid. Acceptatie is een tussenstation op weg naar tevredenheid. Als ik tevreden ben, heb ik bereikt wat ik wil.

Dat zou dus betekenen dat als ik nog niet bereikt heb wat ik wil, ik niet tevreden ben. En dat is dus niet zo. Ik ben wél tevreden met de huidige situatie omdat ik weet dat dit niet het eindpunt is. Volgens mij is dat acceptatie. Acceptatie is in het nu tevreden zijn met het nu terwijl ik onderweg bent naar…

En als ik dan dat doel heb bereikt? Dan voel ik voldoening, ook een vorm van tevredenheid, maar toch van een andere orde. Dus: onderweg naar voldoening, leef ik in acceptatie. En zo ben ik eigenlijk constant tevreden. Kijk, van dat besef krijg ik nou een gevoel van voldoening.

Hoe energie werkt (1)

Ik vind het altijd intrigerend als ergens een (1) achter staat. Dat is namelijk de belofte voor meer. Juist om die reden heb ik een (1) achter deze titel gezet. Ik heb zeker de intentie om hier meer over te schrijven. Het interesseert me namelijk mateloos. En dan niet de energie die bij ons uit stopcontacten komt of door windmolens wordt opgewekt, maar de menselijke energie. Bij deze eerste aflevering richt ik me op een aspect van onze eigen energie die we allemaal wel (her)kennen: hoe iets ons soms energie kost en soms oplevert.

We kennen het allemaal, maar laat ik vanuit mezelf spreken. Soms begin in vol energie aan mijn werk en ben ik halverwege de dag afgemat en uitgeput. Soms begin ik moe en futloos aan mijn werk en loop ik binnen een uur energiek en enthousiast rond. Hoe kan dat? Wat gebeurt er met mijn energie? Nog concreter: sinds enkele jaren geef ik les aan HBO-studenten. Bij de meeste lessen voel ik echt hoe de interactie tussen mij en de studenten mij energie geeft. Ik voel me tijdens de les steeds prettiger, energieker worden. Ik zie en voel hoe de deelname van de studenten groeit.

Er moet dus iets in ons of in onze omgeving zijn dat onze energietoevoer of onze energiestroom reguleert. Hoe wordt dat geregeld? Hoe ontstaat een energiestroom? Hoe ontvang ik energie? Hoe geef ik energie weg? Is er ergens in mijn lichaam een tappunt? Gaat het via de porieën of andere lichaamsopeningen? En misschien wel het meest belangrijk: kan ik het sturen?

Om met die laatste vraag te beginnen: natuurlijk en dat weet je best. Met ons gedrag, onze (re)actie gebruiken wij energie. We kunnen ons gedrag en onze (re)actie sturen, dus kunnen we onze energie sturen. Als jij besluit op een voorval heel, heel erg ‘uit je dak’ te gaan (positief of negatief) en dat te blijven voor een uur, dan zul je veel meer energie verbruiken dan als je kort en onverschillig reageert. Ook de keuze om negatief (boos) of positief (blij) te reageren is van invloed op je energiehuishouding.

Energie stroomt. Dat geldt zowel voor de ‘stopcontacten’-energie als de ‘menselijke-contacten’-energie. Er vindt een constante uitwisseling plaats van energie. Dat verklaart ook al een beetje waarom je de ene keer ergens heel moe van wordt en een andere heel energiek. Dat wordt grotendeels bepaald door wat je opwekt en uitgeeft en wat je terugontvangt. Is dat ook te sturen? Ja, maar daarover meer in één van de komende afleveringen over ‘hoe energie werkt’.

Verwondering

Laat ik nou toch altijd gedacht hebben dat ik de enige volwassen mens ben die zich verwondert over kleine alledaagse dingen. Tot ik vorige week sprak met iemand die me vertelde elke dag vol van verwondering te zijn over van alles en nog wat. Het deed mij weer beseffen hoe hard wij eigenlijk door het leven en over deze aardbol rennen/vliegen/draven. We kijken het grootste deel van onze tijd niet om ons heen, maar zijn strak gefocust op ons doel. Soms is dat natuurlijk prima en soms zelfs hard nodig. Maar ook hier gaat het weer om de balans. Hoe vaak ben je strak gericht op een doel met de intentie daar zo snel en goed mogelijk aan te komen? En hoe vaak is het onderweg zijn al voldoende?

Na mijn scheiding veranderde mijn hele leven. In de eerste tijd na de breuk rende ik nog harder dan ik altijd al deed, gewoon om alle ‘ballen in de lucht’ te houden, om niet om te komen in de lawine van ‘things-to-do-now-you-are-a-single-parent’. Maar inmiddels is het al enige tijd weer rustig en ben ik weer meer ‘tot mezelf’ of eigenlijk ‘tot mijn Zelf’ gekomen. Ik ben me veel bewuster geworden van het leven in het algemeen en mijn leven in het bijzonder. Jarenlang heb ik op makkelijke, rustige golven door het leven heen gesurfd en aan de oppervlakte van mijn bewustzijn vond ik dat prima. Dieper van binnen begon echter wat beroering te ontstaan en toen dat eenmaal aan de oppervlakte kwam was er geen houden meer aan.

Ik leef nu vanuit een dieper bewustzijn. Dat betekent onder andere dat ik meer meemaak (zowel prettig als minder prettig), dat ik meer voel (zowel prettig als minder prettig) en dat ik meer bewust ben van wat er om mij heen gebeurd. Bij dat alles slaat de verwondering geregeld toe. Hoe kleurrijk de herfstbladeren zijn, hoe prachtig het neerkletteren van een forse regenbui op mijn dakraam klinkt, hoe prettig het voelt om samen te ontbijten, hoe makkelijk je je eigenlijk geluk kunt creëren én vernietigen, hoe een plant groeit, hoeveel sterren er aan de hemel staan.

Mocht ik het toch even vergeten, dan is er altijd nog mijn dochter die dan bijvoorbeeld tijdens het fietsen vol enthousiasme roept: “Papa, kijk: een paddestoel!” En vol verwondering staan we stil.

Positivo

Pas geleden kreeg ik een paar ‘recommendations’ op mijn LinkedIn-pagina. In zo’n recommendation schrijven mensen die jou kennen iets positiefs over je. Het viel me op hoe leuk ik het vind als mensen iets positiefs over mij zeggen of schrijven. Ik begin dan helemaal te stralen. Opeens moest ik denken aan een activiteit bij mijn dochter op school toen ze in groep 2 zat. Daar hadden ze ‘het zonnetje van de dag’. Eén kind was het zonnetje en de bedoeling was dat de andere kinderen die dag allemaal aardige/lieve/leuke dingen tegen dat klasgenootje zouden zeggen. Zo zegt de een ‘ik vind dat je een leuke trui aan hebt.’ en een ander ‘ik vind dat jij lief lacht.’.

Kinderen leren zo al vroeg wat het effect is van goed nieuws en hoe fijn het is complimentjes te krijgen. Hopelijk blijven ze dat gevoel hun hele leven bij zich houden. Hoe meer positieve energie er in de wereld komt, des te beter. Want dat is het bijzondere van energie: je kunt het positief laden en negatief. Je kunt zelf beslissen hoe je op bepaalde situaties reageert. Zelfs als een situatie volgens heersende patronen vraagt om een ‘negatieve reactie’ (bv. boos worden als jou onrecht wordt aangedaan), dan nog kun je beslissen positief te reageren. Dat gegeven kunnen we heel makkelijk koppelen aan de ‘zonnetjes-oefening’. De volgende keer dat iemand iets doet waar je in eerste instantie negatief op wilt reageren, bedenk dan dat hij/zij vandaag het zonnetje van de dag is en zegt iets aardigs tegen en over hem/haar. Je laadt de aanwezige energie positief en daardoor zal de hele situatie anders verlopen dan je gewend bent. En dat vind ik op mijn beurt een complimentje waard voor jou. 🙂

Have a nice day!